Strafrecht overig

OM-cassatie. Beklag, beslag ex art. 94 Sv op twee geldbedragen die zijn aangetroffen in kofferbak van auto…

Zaakgegevens

Op 29 mei 2018 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
29 mei 2018
Datum publicatie
29 mei 2018
Zaaknummer
17/03679
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2018:784
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

OM-cassatie. Beklag, beslag ex art. 94 Sv op twee geldbedragen die zijn aangetroffen in kofferbak van auto van beslagene (werknemer van klaagster). Vooruitgelopen op uitkomst hoofdzaak bij beoordeling vraag of belang van strafvordering zich verzet tegen teruggave geldbedragen? HR: Op de gronden vermeld in de CAG is het middel terecht voorgesteld. CAG: Rb heeft onderzocht of de gedragingen die aan beslagene worden verweten voldoende blijken uit het dossier en heeft op basis daarvan geoordeeld dat uit de zich thans in het dossier bevindende stukken en het verhandelde in raadkamer blijkt dat het hoogst onwaarschijnlijk is dat de strafrechter later oordelend, de in beslaggenomen geldbedragen zal verbeurd verklaren. Daarmee is Rb te ver vooruitgelopen op de mogelijke uitkomst van een nog te voeren procedure in de hoofdzaak. Beslissing Rb is ontoereikend gemotiveerd.

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 3 april 2018

    ECLI:NL:PHR:2018:296
  2. Hoge Raad · 29 mei 2018deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2018:784

Uitspraak

Inhoudsopgave

29 mei 2018

Strafkamer

nr. S 17/03679 B

IV/EC

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de Rechtbank Amsterdam van 7 maart 2017, nummer RK 16/6064, op een klaagschrift als bedoeld in art. 552a Sv, ingediend door:

[klager] , gevestigd te [vestigingsplaats].

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door het Openbaar Ministerie. Het heeft bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal T.N.B.M. Spronken heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden beschikking en tot zodanige beslissing met betrekking tot terug- of verwijzing als de Hoge Raad gepast zal voorkomen.

De raadsman van de klager, R. Jonkers, advocaat te Amsterdam, heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2 Beoordeling van het middel

2.1.

Het middel komt op tegen de gegrondverklaring van het klaagschrift. Het klaagt onder meer dat de Rechtbank bij de beoordeling van de vraag of het belang van strafvordering zich verzet tegen teruggave van de inbeslaggenomen geldbedragen, is vooruitgelopen op de mogelijke uitkomst van een nog te voeren procedure in de hoofdzaak.

2.2.

Op de gronden die zijn vermeld in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 3.2 en 3.3 is het middel terecht voorgesteld.

3 Slotsom

Hetgeen hiervoor is overwogen brengt mee dat de bestreden beschikking niet in stand kan blijven en als volgt moet worden beslist.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

vernietigt de bestreden beschikking;

wijst de zaak terug naar de Rechtbank Amsterdam, opdat de zaak op het bestaande klaagschrift opnieuw wordt behandeld en afgedaan.

Deze beschikking is gegeven door de vice-presiden W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en J.C.A.M. Claassens, in bijzijn van de waarnemend griffier A. El Mokhtari, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 29 mei 2018.