Strafrecht overig
Niet opzettelijk aanwezig hebben van hennepplanten in door verdachte gehuurde woning die door hem is…
ECLI:NL:HR:2023:911 · Hoge Raad · 13 juni 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2023-911
Zaakgegevens
Op 13 juni 2023 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 13 juni 2023
- Datum publicatie
- 9 juni 2023
- Zaaknummer
- 21/04414
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2023:911
Samenvatting
Niet opzettelijk aanwezig hebben van hennepplanten in door verdachte gehuurde woning die door hem is onderverhuurd aan derde, art 3.C Opiumwet. Bewijsklacht ‘aanwezig hebben’.
HR: Om redenen vermeld in CAG slaagt middel. CAG: Uit bewijsvoering hof kan niet blijken dat verdachte feitelijke macht over aangetroffen hennepplanten had. Enkel feit dat verdachte in het verleden herhaaldelijk is veroordeeld voor telen en aanwezig hebben van hennep en dat hij wist dat zijn onderhuurder zich met illegale activiteiten kon bezighouden, is onvoldoende grond voor oordeel dat verdachte feitelijke macht kon uitoefenen over hennepplanten in door hem onderverhuurde pand, in de zin dat hij daarover kon beschikken.
Volgt partiële vernietiging en terugwijzing.
Procesgang
Gerechtshof Den Haag · 12 oktober 2021
ECLI:NL:GHDHA:2021:2180Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 18 april 2023
ECLI:NL:PHR:2023:411Hoge Raad · 13 juni 2023deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2023:911
Uitspraak
Inhoudsopgave
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 21/04414
Datum 13 juni 2023
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Den Haag van 12 oktober 2021, nummer 22-002726-20, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1953,
hierna: de verdachte.
1 Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben J.S. Nan, advocaat te 's-Gravenhage, en N. Gonzalez Bos, advocaat te Rotterdam, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest, maar uitsluitend wat betreft de beslissingen over het onder 1 meer subsidiair tenlastegelegde en de strafoplegging, en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof Den Haag opdat de zaak ten aanzien daarvan opnieuw wordt berecht en afgedaan.
2 Beoordeling van het cassatiemiddel
Het cassatiemiddel klaagt dat het bewezenverklaarde “aanwezig hebben” van 238 hennepplanten niet zonder meer kan worden afgeleid uit de bewijsvoering.
Het cassatiemiddel slaagt. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal onder 4 tot en met 11.
3 Beslissing
De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het hof, maar uitsluitend wat betreft de beslissingen over het onder 1 meer subsidiair tenlastegelegde;
- wijst de zaak terug naar het gerechtshof Den Haag, opdat de zaak ten aanzien daarvan opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren J.C.A.M. Claassens en A.E.M. Röttgering, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 13 juni 2023.