Strafrecht overig
Verkrachting, art. 242 (oud) Sr. Vrijspraak in eerste aanleg. 1. Uitdrukkelijk onderbouwd standpunt t.a.v…
ECLI:NL:HR:2024:1563 · Hoge Raad · 26 november 2024
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2024-1563
Zaakgegevens
Op 26 november 2024 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 26 november 2024
- Datum publicatie
- 31 oktober 2024
- Zaaknummer
- 23/03737
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2024:1563
Samenvatting
Verkrachting, art. 242 (oud) Sr. Vrijspraak in eerste aanleg. 1. Uitdrukkelijk onderbouwd standpunt t.a.v. betrouwbaarheid van verklaring van aangeefster, art. 359.2 Sv. 2. Bewijsminimum, art. 342.2 Sv (unus testis). Vindt verklaring van aangeefster voldoende steun in ander bewijsmateriaal?
HR: Om redenen vermeld in CAG leiden middelen niet tot cassatie. CAG: Hof heeft verweer van verdediging niet aangemerkt als afzonderlijk uos over betrouwbaarheid van verklaring van aangeefster. Dat oordeel is niet onbegrijpelijk. Ook oordeel van hof dat WhatsApp-berichten van verdachte aan getuige voldoende steun bieden aan verklaring van aangeefster en dat dus geen sprake is van schending van art. 342.2 Sv, is niet onbegrijpelijk.
Volgt verwerping.
Procesgang
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 20 september 2023
ECLI:NL:GHSHE:2023:3064Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 24 september 2024
ECLI:NL:PHR:2024:941Hoge Raad · 26 november 2024deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2024:1563
Uitspraak
Inhoudsopgave
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 23/03737
Datum 26 november 2024
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 20 september 2023, nummer 20-002905-22, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1977,
hierna: de verdachte.
1 Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft R.L.A. Klaassen, advocaat in Vught, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.
De advocaat-generaal T.N.B.M. Spronken heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2 Beoordeling van de cassatiemiddelen
De cassatiemiddelen klagen over de bewezenverklaring van het onder 1 tenlastegelegde.
De cassatiemiddelen leiden niet tot cassatie. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren T. Kooijmans en T.B. Trotman, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 26 november 2024.