Strafrecht overig
Profijtontneming, w.v.v. uit actieve niet-ambtelijke omkoping door rechtspersoon. Ontvankelijkheid…
ECLI:NL:HR:2025:1819 · Hoge Raad · 2 december 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2025-1819
Zaakgegevens
Op 2 december 2025 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 2 december 2025
- Datum publicatie
- 1 december 2025
- Zaaknummer
- 23/03761
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2025:1819
Samenvatting
Profijtontneming, w.v.v. uit actieve niet-ambtelijke omkoping door rechtspersoon. Ontvankelijkheid cassatieberoep, art. 437.2 Sv. 1. Kan klacht gericht tegen beslissing van hof in samenhangende strafzaak worden aangemerkt als cassatiemiddel? 2. Kan klacht over toerekening w.v.v. van betrokkene (vennootschap) aan bestuurder van vennootschap en ’s hofs oordeel dat bestuurder van vennootschap en vennootschap moeten worden “vereenzelvigd”, worden aangemerkt als cassatiemiddel?
HR: Om redenen vermeld in CAG kan HR het cassatieberoep van betrokkene niet in behandeling nemen. CAG: Ad 1. Nu niet wordt geklaagd over schending van bepaalde rechtsregel en/of verzuim van toepasselijk vormvoorschrift door rechter in ontnemingszaak, kan klacht niet als middel van cassatie worden aangemerkt en moet klacht hier onbesproken blijven. Ad 2. Klachten zijn in essentie gericht tegen ’s hofs beslissingen in ontnemingszaak van bestuurder van vennootschap. Door middel van actieve omkoping verkregen provisie is overgemaakt op rekening van betrokkene. Vereenzelviging van betrokkene met bestuurder van vennootschap is dan niet nodig om te kunnen vaststellen dat betrokkene het voordeel heeft behaald. Ook vraag of aan bestuurder van vennootschap uitbetaald loon onder w.v.v. moet worden geschaard, regardeert betrokkene niet. Hetgeen als middel wordt gepresenteerd, kan niet als middel a.b.i. wet worden aangemerkt en moet hier onbesproken blijven.
Betrokkene n-o. Samenhang met 23/03753, 23/03755 en 23/03756 P.
Procesgang
Gerechtshof Amsterdam · 21 september 2023
ECLI:NL:GHAMS:2023:2186Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 14 oktober 2025
ECLI:NL:PHR:2025:1103Hoge Raad · 2 december 2025deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2025:1819
Uitspraak
Inhoudsopgave
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 23/03761 P
Datum 2 december 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van het gerechtshof Amsterdam van 21 september 2023, nummer 23-003440-21, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste
van
[betrokkene] B.V.,
gevestigd in [plaats],
hierna: de betrokkene.
1 Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de betrokkene. Namens deze heeft de advocaat C.F. Korvinus bij schriftuur en aanvullende schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.
De advocaat-generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van de betrokkene in het namens haar ingestelde cassatieberoep.
De raadsman van de betrokkene heeft daarop schriftelijk gereageerd.
2 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
De Hoge Raad kan het cassatieberoep van de betrokkene niet in behandeling nemen. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal.
3 Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren T. Kooijmans en F. Damsteegt, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 2 december 2025.