Strafrecht overig
Medeplegen gekwalificeerde doodslag (art. 288 Sr) door in 2022 samen met ander vanuit Polen naar Weert te…
ECLI:NL:HR:2026:781 · Hoge Raad · 2 juni 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2026-781
Zaakgegevens
Op 2 juni 2026 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 2 juni 2026
- Datum publicatie
- 20 mei 2026
- Zaaknummer
- 25/01079
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2026:781
Samenvatting
Medeplegen gekwalificeerde doodslag (art. 288 Sr) door in 2022 samen met ander vanuit Polen naar Weert te rijden om voormalige werkgever van die ander in zijn woning te beroven en vervolgens met verschillende voorwerpen tegen zijn hoofd te slaan en hem te wurgen.
HR: art. 80a RO, zonder schriftelijk standpunt AG. Samenhang met 25/01071.
Procesgang
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 20 maart 2025
ECLI:NL:GHSHE:2025:748Hoge Raad · 2 juni 2026deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2026:781
Uitspraak
Inhoudsopgave
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 25/01079
Datum 2 juni 2026
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 20 maart 2025, nummer 20-000336-24, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1981,
hierna: de verdachte.
1 Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft de advocaat T. Straten een schriftuur ingediend.
2 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De procureur-generaal bij de Hoge Raad heeft de gelegenheid gekregen een advies uit te brengen. De Hoge Raad is tot het oordeel gekomen dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen. Hij zal daarom gebruikmaken van de mogelijkheid om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren (zie artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren M. Kuijer en R. Kuiper, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 2 juni 2026.