Strafrecht overig

Diefstal d.m.v. braak (art. 311.1.5 Sr). Hof heeft verdachte n-o verklaard in haar hoger beroep, omdat het te…

Zaakgegevens

Op 30 juni 2026 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
30 juni 2026
Datum publicatie
5 juni 2026
Zaaknummer
24/03427
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2026:880
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Diefstal d.m.v. braak (art. 311.1.5 Sr). Hof heeft verdachte n-o verklaard in haar hoger beroep, omdat het te laat is ingesteld, art. 408.1 Sv. Ontvankelijkheid hoger beroep. Kon hof oordelen dat verdachte binnen 14 dagen na vonnis Pr h.b. had moeten instellen?

HR: Om redenen vermeld in CAG slaagt middel. CAG: Stukken houden geen vaststellingen in waaruit volgt dat zich in art. 408.1 Sv bedoelde omstandigheid heeft voorgedaan die meebrengt dat beroepstermijn van 14 dagen is aangevangen na vonnis Pr. Oordeel van hof dat h.b. niet binnen wettelijk voorgeschreven termijn is ingesteld omdat het niet binnen 14 dagen na vonnis is ingesteld, is dan ook ontoereikend gemotiveerd.

Volgt vernietiging en terugwijzing.

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 21 april 2026

    ECLI:NL:PHR:2026:408
  2. Hoge Raad · 30 juni 2026deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2026:880

Uitspraak

Inhoudsopgave

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 24/03427

Datum 30 juni 2026

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 27 augustus 2024, nummer 23-000829-24, in de strafzaak

tegen

[verdachte],

geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1974,

hierna: de verdachte.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft de advocaat R.T. Poort bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.

De advocaat-generaal P.T.C. van Kampen heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof Amsterdam, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.

2 Beoordeling van het cassatiemiddel

2.1

Het cassatiemiddel klaagt onder meer over het oordeel van het hof dat het hoger beroep te laat is ingesteld en daarom niet-ontvankelijk is.

2.2

De klacht slaagt. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal. Dat brengt mee dat bespreking van het restant van het cassatiemiddel niet nodig is.

3 Beslissing

De Hoge Raad:

- vernietigt de uitspraak van het hof;

- wijst de zaak terug naar het gerechtshof Amsterdam, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.

Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren T. Kooijmans en C.N. Dalebout, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 30 juni 2026.