Strafrecht overig

Rechtbank Amsterdam · Eerste aanleg - meervoudig · Strafrecht overig

Rechtbank Amsterdam, 9 maart 2023

Zaakgegevens

Op 9 maart 2023 heeft de Rechtbank Amsterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
9 maart 2023
Datum publicatie
17 maart 2023
Zaaknummer
13.308967.20
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2023:1517
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Vrijspraak.

Uitspraak

[afbeelding niet beschikbaar]vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling Publiekrecht

Teams Strafrecht

Parketnummer: 13.308967.20

Datum uitspraak: 09 maart 2023

Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken, in de zaak tegen:

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 2000,

Ingeschreven in de Basisregistratie personen op het adres:

[adres].

1 Het onderzoek ter terechtzitting

Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 23 februari 2023.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie mr. A.C. Kramer, en van wat verdachte en zijn raadsvrouw mr. T. de Wit naar voren hebben gebracht.

2 Tenlastelegging

Aan verdachte is – kort gezegd – ten laste gelegd dat hij zich heeft schuldig gemaakt aan

  1. Medeplegen van het voorhanden hebben van twee vuurwapens van de derde categorie (een pistool van het merk Zoraki en een pistool van het merk BBM) op 4 december 2020 te Amsterdam;

  2. Medeplegen van het voorhanden hebben van een stroomstootwapen op 4 december 2020 te Amsterdam;

  3. Medeplegen van het voorhanden hebben van munitie op 4 december 2020 te Amsterdam.

De tenlastelegging is opgenomen in een bijlage die aan dit vonnis is gehecht en geldt als hier ingevoegd.

3 Voorvragen

De dagvaarding is geldig, deze rechtbank is bevoegd tot kennisneming van de ten laste gelegde feiten en de officier van justitie is ontvankelijk. Er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.

4 Vrijspraak

De rechtbank volgt het standpunt van de officier van justitie en de raadsvrouw en acht het ten laste gelegde niet bewezen. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

5 Beslissing

De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.

Verklaart het ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij.

Heft op het – geschorste – bevel tot voorlopige hechtenis van verdachte.

Dit vonnis is gewezen door

mr. A.C.J. Klaver, voorzitter,

mrs. E. van den Brink en A. Briejer, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. K. Spanjaart, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 9 maart 2023.

[…]