Strafrecht overig

Vrijspraak van belastingfraude na vordering vrijspraak door officier van justitie.

Rechtbank Amsterdam, 28 mei 2025

Zaakgegevens

Op 28 mei 2025 heeft de Rechtbank Amsterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
28 mei 2025
Datum publicatie
3 juni 2025
Zaaknummer
83.275883.20
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2025:3694
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Vrijspraak van belastingfraude na vordering vrijspraak door officier van justitie.

Uitspraak

[afbeelding niet beschikbaar]vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling Publiekrecht

Teams Strafrecht

Parketnummer: 83.275883.20

Datum uitspraak: 28 mei 2025

Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de zaak tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] ( [geboorteland] ) op [geboortedag] 1964, zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland.

1 Het onderzoek ter terechtzitting

Dit vonnis is bij verstek gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 14 mei 2025.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie mr. T. Lucas.

2 Tenlastelegging

Aan verdachte is – kort gezegd – ten laste gelegd dat hij zich heeft schuldig gemaakt aan

  1. het ter beschikking stellen van een valse administratie aan de Belastingdienst;

  2. het niet (volledig) ter beschikking stellen van de administratie van zijn eenmanszaak [bedrijf] ;

  3. feitelijke leiding geven aan [naam bedrijf] B.V. bij het er beschikking stellen van een valse administratie aan de Belastingdienst;

  4. feitelijke leiding geven aan [naam bedrijf] B.V. bij het niet (volledig) ter beschikking stellen van haar administratie.

4 Vrijspraak

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte van alle ten laste gelegde feiten moet worden vrijgesproken. Ook de rechtbank acht de tenlastegelegde feiten niet bewezen, zodat zij verdachte daarvan zal vrijgesproken.

5 Beslissing

De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.

Verklaart het ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij.

Dit vonnis is gewezen door

mr. J.M. van Hall, voorzitter,

mrs. B. Kuppens en E.J. Weller, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. C. Wolswinkel, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 28 mei 2025.

[...]