Vreemdelingenrecht
Beroep niet tijdig niet ontvankelijk geen procesbelang
Rechtbank Den Haag, 11 augustus 2026
ECLI:NL:RBDHA:2026:24511 · Rechtbank Den Haag · 11 augustus 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-den-haag/bestuursrecht/vreemdelingenrecht/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbdha-2026-24511
Zaakgegevens
Op 11 augustus 2026 heeft de Rechtbank Den Haag in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.
- Instantie
- Rechtbank Den HaagRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Utrecht
- Datum uitspraak
- 11 augustus 2026
- Datum publicatie
- 28 augustus 2026
- Zaaknummer
- NL26 32933
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2026:24511
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Beroep niet tijdig niet ontvankelijk geen procesbelang
Uitspraak
uitspraak
[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL26.32933
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser V-nummer: [V-nummer] (gemachtigde: mr. M.A. Krikke),
en
de minister van Asiel en Migratie, de minister.
Procesverloop
Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiser heeft ingediend, omdat de minister volgens hem niet op tijd heeft beslist op zijn aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd (hierna: aanvraag).
Beoordeling door de rechtbank
1. De rechtbank vindt het in deze zaak niet nodig om partijen uit te nodigen voor een zitting.1
2. Eiser heeft het onderhavige beroep tegen het niet-tijdig beslissen op zijn aanvraag ingediend op 12 juni 2026. Eerder had hij op 7 april 2026 al een beroep tegen het niet tijdig beslissen op de aanvraag ingediend. Op het beroep van 7 april 2026 heeft de rechtbank uitspraak gedaan op 7 augustus 2026.2 Daarbij heeft de rechtbank de minister opgedragen om binnen twaalf weken een besluit op de aanvraag bekend te maken.
3. Tegen de achtergrond van de uitspraak van 7 augustus 2026 is de rechtbank van oordeel dat eiser geen procesbelang meer heeft bij een inhoudelijk oordeel op het beroep van
12 juni 2026. Het beroep van 12 juni 2026 is aldus niet-ontvankelijk.
[afbeelding niet beschikbaar]1. Artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
2 NL26.19277.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. R.J.A. Schaaf, rechter, in aanwezigheid van mr. C.A.A.W. van der Heijden, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
11 augustus 2026
Documentcode: [Documentcode]
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.