Vreemdelingenrecht
Asiel, Nigeria, bedreigingen door een geheim genootschap, vrees bij terugkeer, inreisverbod, beroep ongegrond.
Rechtbank Den Haag, 30 juli 2025
ECLI:NL:RBDHA:2025:14672 · Rechtbank Den Haag · 30 juli 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-den-haag/bestuursrecht/vreemdelingenrecht/voorlopige-voorziening/ecli-nl-rbdha-2025-14672
Zaakgegevens
Op 30 juli 2025 heeft de Rechtbank Den Haag in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.
- Instantie
- Rechtbank Den HaagRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Arnhem
- Datum uitspraak
- 30 juli 2025
- Datum publicatie
- 7 augustus 2025
- Zaaknummer
- 25.21731
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Voorlopige voorzieningVoorlopige voorzieningEen tijdelijke maatregel van de voorzieningenrechter, bijvoorbeeld het schorsen van een besluit, zolang bezwaar of beroep loopt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2025:14672
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Asiel, Nigeria, bedreigingen door een geheim genootschap, vrees bij terugkeer, inreisverbod, beroep ongegrond.
Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Arnhem
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.21731
uitspraak van de voorzieningenrechter van 30 juli 2025 in de zaak tussen
[verzoeker], v-nummer [nummer], verzoeker
(gemachtigde: mr. H.L.M. Janssen),
en
de minister van Asiel en Migratie,
(gemachtigde: mr. M.J.C. van der Woning).
Inleiding
1. In deze uitspraak beoordeelt de voorzieningenrechter het verzoek om een voorlopige voorziening dat verzoeker heeft ingediend hangende zijn beroep tegen het besluit van 8 mei 2025 van de minister op de aanvraag van verzoeker.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek samen met NL25.21730 op 27 juni 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: verzoeker, de gemachtigde van verzoeker en de gemachtigde van de minister.
Beoordeling door de voorzieningenrechter
2. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL25.21730, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. O. El Kadi, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van
J. Poutsma, griffier.
Deze uitspraak is in het openbaar gedaan en bekendgemaakt op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.