Vreemdelingenrecht

Dublin buiten zitting. Vovo niet-ontvankelijk. Eiser is met onbekende bestemming vertrokken.

Rechtbank Den Haag, 6 februari 2025

Zaakgegevens

Op 6 februari 2025 heeft de Rechtbank Den Haag in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Groningen
Datum uitspraak
6 februari 2025
Datum publicatie
6 februari 2025
Zaaknummer
NL24.38797
Procedure
Voorlopige voorziening
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2025:1511
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Dublin buiten zitting. Vovo niet-ontvankelijk. Eiser is met onbekende bestemming vertrokken.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen

Bestuursrecht

zaaknummer: NL24.38797


uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen


[naam], verzoeker

V-nummer: [nummer],

(gemachtigde: mr. W. Spijkstra),

en

de minister van Asiel en Migratie, de minister.


Inleiding

1. Bij besluit van 4 oktober 2024 (het bestreden besluit) heeft de minister de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Slovenië verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.

1.1.

Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

Beoordeling door de rechtbank

2. De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.

3. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL24.38796, heeft de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk verklaard omdat kan worden aangenomen dat verzoeker geen prijs meer stelt op een beoordeling van de door hem aanvankelijk gezochte bescherming. Volgens de beschikbare informatie is verzoeker met onbekende bestemming vertrokken. Gelet hierop heeft verzoeker evenmin belang bij de beoordeling van het onderhavige verzoek.

4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter verklaart het verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door mr. S. Ketelaars-Mast, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. K.E. Mulder, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.

De uitspraak is bekendgemaakt op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.