Insolventierecht

Beschikking budget herstructureringsdeskundige

Rechtbank Den Haag, 22 maart 2022

Zaakgegevens

Op 22 maart 2022 heeft de Rechtbank Den Haag in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over insolventierecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Den Haag
Datum uitspraak
22 maart 2022
Datum publicatie
20 oktober 2023
Zaaknummer
C/09/624130 / FT RK 22/54 HO
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2022:16090
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Beschikking budget herstructureringsdeskundige

Uitspraak

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]beschikking

RECHTBANK DEN HAAG

Team Insolventie – meervoudige kamer

salarisbepaling herstructureringsdeskundige ex artikel 371 lid 10 Fw

rekestnummer : C/09/624130 / FT RK 22/54 HO

uitspraakdatum : 22 maart 2022

in de openbare akkoordprocedure van

de naamloze vennootschap

N.V. ADO Den Haag,

gevestigd te Den Haag,

hierna: ADO Den Haag,

advocaten: mrs. R.J. van Galen en R.M. Woudenberg.

waarin is aangewezen als herstructureringsdeskundige:

mr. J.J. Reiziger.

1 De procedure

1.1.

ADO Den Haag heeft op 3 mei 2021 ter griffie van deze rechtbank een startverklaring als bedoeld in artikel 370 lid 3 van de Faillissementswet (Fw) gedeponeerd. In de openingsbeslissing van 25 mei 2021 is mr. Reiziger aangewezen als herstructureringsdeskundige. De rechtbank heeft bij vonnis van 25 februari 2022 het namens ADO Den Haag aangeboden akkoord gehomologeerd.

1.2.

De rechtbank verwijst voor het verloop van de procedure omtrent de vaststelling van het budget van de herstructureringsdeskundige naar haar eerdere beschikkingen van 8 juni 2021, 23 juli 2021, 28 oktober 2021 en 2 december 2021.

1.3.

De herstructureringsdeskundige heeft bij brief van 3 maart 2022 de rechtbank geïnformeerd over zijn laatste werkzaamheden in het voormelde WHOA-traject van ADO Den Haag. Daarnaast heeft hij de rechtbank verzocht zijn salariskosten en de kosten van de ondersteuning vast te stellen op € 467.978,76 exclusief BTW.

2 De beoordeling

2.1.

De rechtbank dient op grond van artikel 371 lid 10 Fw het bedrag vast te stellen dat de werkzaamheden van de herstructureringsdeskundige en van de derden die door hem worden geraadpleegd ten hoogste mogen kosten. Het salarisverzoek van de herstructureringsdeskundige betreft een verwachting en moet daarom worden gezien als een verzoek tot verhoging van zijn budget.

2.2.

De rechtbank heeft het verzoek tot verhoging van het budget van de herstructureringsdeskundige voorgelegd aan de advocaten van ADO Den Haag met de mededeling dat indien zij uiterlijk 16 maart 2022 geen reactie hebben gegeven de rechtbank ervan uitgaat dat ADO Den Haag akkoord is het met verzoek. De rechtbank heeft geen reactie ontvangen. De door de herstructureringsdeskundige gegeven begroting komt de rechtbank niet onredelijk voor. De rechtbank zal het budget dienovereenkomstig verhogen.

3 De beslissing

De rechtbank:

- bepaalt dat het bedrag dat de werkzaamheden van de herstructureringsdeskundige en die van de derden die door hem worden geraadpleegd ten hoogste mogen kosten wordt verhoogd tot € 467.978,76 exclusief BTW;

- bepaalt dat voornoemde kosten ten laste van N.V. ADO Den Haag komen, en dat ADO Den Haag voor de betaling daarvan ten genoegen van de herstructureringsdeskundige zekerheid dient te stellen.

Deze beschikking is gegeven door mr. H.J. van Harten, voorzitter, mr. A.E. de Vos en mr. M Wouters, rechters, en is in aanwezigheid van mr. M.J.P. Vink, griffier, in het openbaar uitgesproken op 22 maart 2022.