Civiel recht overig
Bevoegdheidsincident. Vonnis van Duitse rechter, waarin deze zich bevoegd acht kennis te nemen van het…
Rechtbank Gelderland, 23 december 2015
ECLI:NL:RBGEL:2015:8298 · Rechtbank Gelderland · 23 december 2015
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-gelderland/civiel-recht/civiel-recht-overig/eerste-aanleg-meervoudig/ecli-nl-rbgel-2015-8298
Zaakgegevens
Op 23 december 2015 heeft de Rechtbank Gelderland in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Rechtbank GelderlandRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Arnhem
- Datum uitspraak
- 23 december 2015
- Datum publicatie
- 26 januari 2016
- Zaaknummer
- 273576
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudigMeervoudige kamerDe zaak is behandeld door drie rechters samen, meestal omdat zij ingewikkeld of zwaar is.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBGEL:2015:8298
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Bevoegdheidsincident. Vonnis van Duitse rechter, waarin deze zich bevoegd acht kennis te nemen van het geschil tussen gedaagden en twee van de eisers in de onderhavige procedure, is onherroepelijk geworden. Rechtbank verklaart zich daarom op grond van art. 27 lid 2 EEX-Verordening onbevoegd kennis te nemen van de vorderingen van deze eisers in de hoofdzaak. De andere in Nederland optredende eisers in de hoofdzaak zijn geen partij in de Duitse procedure. De zaak ten aanzien van deze eisers wordt op grond van artikel 28 lid 2 EEX-Verordening verwezen naar de Duitse rechter.
Uitspraak
[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]vonnis
RECHTBANK GELDERLAND
Team kanton en handelsrecht
Zittingsplaats Arnhem
zaaknummer / rolnummer: C/05/273576 / HA ZA 14-635
Vonnis in incident van 23 december 2015
in de zaak van
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
DAWN FOODS B.V.,
gevestigd te Breda,
2. de coöperatie
DAWN FOODS COÖPERATIEF U.A.,
statutair gevestigd te Amsterdam, kantoorhoudende te Steenbergen,
3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
DAWN FOODS INTERNATIONAL B.V.,
statutair gevestigd te Amsterdam, kantoorhoudende te Steenbergen,
4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
DAWN FOODS FRANCE B.V.,
gevestigd te Breda,
5. de vennootschap naar Duits recht
DAWN FOODS GERMANY GMBH,
gevestigd te (64295) Darmstadt, Duitsland,
eisers in de hoofdzaak,
verweerders in het incident,
advocaat mr. M.H.C. Sinninghe Damsté en T. Thuijs te Amsterdam,
tegen
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
RAFTI B.V.,
gevestigd te Wijchen,
2. de vennootschap naar Duits recht
SÜDZUCKER AKTIENGESELLSCHAFT MANNHEIM/OCHSENFURT AG,
gevestigd te (D-68165) Mannheim,
gedaagden in de hoofdzaak,
eisers in het incident,
advocaat mr. E.H. Pijnacker Hordijk en K.J. Saarloos te Amsterdam.
Partijen zullen hierna Dawn Foods c.s. en Südzucker c.s. genoemd worden. Dawn Foods c.s. worden afzonderlijk aangeduid met Dawn Foods, Dawn Foods Coöperatief, Dawn Foods International, Dawn Foods France en Dawn Foods Germany.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het tussenvonnis in het incident van 16 september 2015
- de akte van Südzucker c.s. van 28 oktober 2015
- de akte tot referte van Dawn Foods c.s. van 25 november 2015.
Ten slotte is vonnis bepaald in het incident.
2 De verdere beoordeling in het incident
Bij voormeld tussenvonnis heeft de rechtbank de zaak naar de parkeerrol verwezen in afwachting van hetzij een uitspraak in hoger beroep van het vonnis van 10 juli 2015 van het Landgericht Mannheim in Duitsland, hetzij het onherroepelijk worden van dat vonnis. Bij dat (tussen)vonnis van 10 juli 2015 heeft het Landgericht Mannheim haar bevoegdheid aangenomen in het aldaar aanhangig gemaakte geschil tussen Südzucker c.s. enerzijds en Dawn Foods en Dawn Foods Germany anderzijds. De rechtbank heeft in het tussenvonnis in incident van 16 september 2015 overwogen dat zij zich op grond van artikel 27 lid 2 EEX-Verordening onbevoegd moet verklaren wanneer de bevoegdheid van het Landgericht Mannheim in Duitsland komt vast te staan, omdat de zaak daar het eerst is aangebracht. Omdat tegen het tussenvonnis van het Landgericht Mannheim hoger beroep was ingesteld, althans nog open stond, heeft de rechtbank de zaak hier aangehouden in afwachting van het verdere verloop aldaar.
In haar akte van 28 oktober 2015 heeft Südzucker c.s. gesteld dat inmiddels het tegen het tussenvonnis van het Landgericht Mannheim ingestelde hoger beroep is ingetrokken en dat daarmee dat vonnis kracht van gewijsde heeft gekregen. Südzucker c.s. stelt dat daarmee de bevoegdheid van het Landgericht Mannheim onherroepelijk vast staat en dat de rechtbank Gelderland zich thans onbevoegd dient te verklaren.
Ten aanzien van de andere hier in Nederland optredende eisers in de hoofdzaak, Dawn Foods Coöperatief, Dawn Foods International en Dawn Foods France, heeft de rechtbank in het tussenvonnis van 16 september 2015 overwogen dat zij geen procespartij zijn in de Duitse procedure bij het Landgericht Mannheim en dat de rechtbank Gelderland zich daarom niet onbevoegd kan verklaren op grond van artikel 27 lid 2 EEX-Verordening. De rechtbank heeft daarbij overwogen dat de zaak ten aanzien van deze eisers wel verwezen kan worden naar het Landgericht Mannheim op grond van artikel 28 lid 2 EEX-Verordening, omdat daarom door Südzucker c.s. is verzocht en aan de voorwaarden van artikel 28 lid 1 EEX-Verordening is voldaan. De beslissing is echter aangehouden in afwachting van het onherroepelijk worden van de (on)bevoegdheid van de Duitse rechter ten aanzien van de samenhangende vorderingen van Dawn Foods en Dawn Foods Germany.
Südzucker c.s. stelt dat die bevoegdheid inmiddels onherroepelijk vast staat en dat daarom, mede omdat Dawn Foods Coöperatief, Dawn Foods International en Dawn Foods France dat zelf hebben verzocht in een andere zaak, thans tot verwijzing dient te worden overgegaan.
Dawn Foods c.s. heeft zich ten aanzien van het verzoek van Südzucker c.s. gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank. De rechtbank zal zich daarom thans onbevoegd verklaren ten aanzien van de vorderingen van Dawn Foods en Dawn Foods Germany en zal de zaak ten aanzien van Dawn Foods Coöperatief, Dawn Foods International en Dawn Foods France verwijzen naar Landgericht Mannheim in Duitsland ter verdere afdoening.
Dawn Foods c.s. zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de proceskosten van het incident. Die kosten worden aan de zijde van Südzucker c.s. gesteld op 3,5 x € 452,00 voor advocatensalaris.
3 De beslissing
De rechtbank
in het incident
verklaart zich onbevoegd om kennis te nemen van de vorderingen van Dawn Foods en Dawn Foods Germany in de hoofdzaak,
veroordeelt Dawn Foods c.s. in de kosten van het incident, aan de zijde van Südzucker c.s. tot op heden begroot op € 1.582,00, te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf veertien dagen na de uitspraak van dit vonnis tot aan de dag van algehele voldoening,
verklaart deze proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad,
verwijst de zaak tussen Dawn Foods Coöperatief, Dawn Foods International en Dawn Foods France enerzijds en Südzucker c.s. anderzijds in de stand waarin zij zich bevindt voor de verdere afhandeling naar het Landgericht Mannheim in Duitsland.
Dit vonnis is gewezen door mrs. N.W. Huijgen, R.J.B. Boonekamp en E. Boerwinkel en in het openbaar uitgesproken op 23 december 2015.