Civiel recht overig

Vervolg op ECLI:NL:RBGEL:2014:5608. Geschil over kwaliteit van partij geleverde uien. Na deskundigenbericht…

Rechtbank Gelderland, 23 december 2015

Zaakgegevens

Op 23 december 2015 heeft de Rechtbank Gelderland in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Gelderland
Zittingsplaats
Arnhem
Datum uitspraak
23 december 2015
Datum publicatie
27 januari 2016
Zaaknummer
241603
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBGEL:2015:8299
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Vervolg op ECLI:NL:RBGEL:2014:5608. Geschil over kwaliteit van partij geleverde uien. Na deskundigenbericht betoogt gedaagde dat zij de uien onder geen beding zou hebben afgenomen als zij had geweten dat het – zoals door de deskundige is ontdekt – plantuien en verse zaaiuien waren. Eiseres is dan ook volgens gedaagde toerekenbaar tekortgeschoten door, zonder mededeling daarover, plantuien en verse zaaiuien te leveren, die ongeschikt zijn voor lange bewaring en ver transport. Zaak naar de rol voor akte door eiseres om op dit nieuwe standpunt van gedaagde te reageren.

Uitspraak

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]vonnis

RECHTBANK GELDERLAND

Team kanton en handelsrecht

Zittingsplaats Arnhem

zaaknummer / rolnummer: C/05/241603 / HA ZA 13-231 / 234 / 560

Vonnis van 23 december 2015

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[eiser],

gevestigd te Dronten,

eiseres in conventie,

verweerster in reconventie,

advocaat mr. J.R. Bügel te Dronten,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

RIVER ONIONS B.V.,

gevestigd te Brakel,

gedaagde in conventie,

eiseres in reconventie,

advocaat mr. W.M. Bijloo te Middelharnis.

Partijen zullen hierna [eiser] en River Onions genoemd worden.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis van 26 november 2014;

- het deskundigenbericht;

- de conclusie na deskundigenbericht met aanvullende producties van [eiser] ;

- de antwoordconclusie na deskundigenbericht met aanvullende producties van River Onions.

1.2.

Ten slotte is opnieuw vonnis bepaald.

2 De verdere beoordeling in conventie en in reconventie

2.1.

In het tussenvonnis van 26 november 2014 heeft de rechtbank een deskundigenonderzoek bevolen en H.J. Lutgert tot deskundige benoemd. De deskundige heeft gerapporteerd op 3 maart / 11 juni 2015.

2.2.

Bij antwoordconclusie na deskundigenbericht voert River Onions het volgende aan. De deskundige heeft ontdekt dat [eiser] plantuien en verse zaaiuien aan River Onions heeft geleverd. [eiser] heeft dat niet tegen River Onions gezegd. River Onions betoogt in aansluiting op het rapport van de deskundige dat plantuien en verse zaaiuien niet geschikt zijn voor lange bewaring en ver transport. Volgens River Onions had [eiser] haar op zijn minst moeten waarschuwen dat zij plantuien en verse zaaiuien aan haar leverde, zodat River Onions de instelling van de luchtverversing van de containers had kunnen aanpassen naar de volstrekt ongebruikelijke stand van 1.000 tot 2.000 m³ per uur. River Onions zou de uien evenwel onder geen beding hebben afgenomen voor levering naar Manilla als zij had geweten dat het plantuien en verse zaaiuien waren (antwoordconclusie na deskundigenbericht 6, 7, 9 en 15). [eiser] is dan ook toerekenbaar tekortgeschoten door, zonder mededeling daarover, plantuien en verse zaaiuien te leveren.

2.3.

Dit standpunt is nieuw ten opzichte van het standpunt dat River Onions eerder in de procedure heeft ingenomen en dat is weergegeven in het tussenvonnis van 25 juni 2014 onder 4.1. Er is een aanscherping dan wel wijziging in gelegen zowel van het verweer in conventie als van de grondslag van de vordering in reconventie. [eiser] is nog niet in de gelegenheid geweest hierop te reageren. Datzelfde geldt voor de door River Onions bij haar antwoordconclusie na deskundigenbericht overgelegde producties. [eiser] zal daartoe alsnog in de gelegenheid worden gesteld. De zaak zal worden verwezen naar de rol voor akte aan de zijde van [eiser] . Daarna zal de zaak in beginsel worden verwezen voor vonnis.

2.4.

Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.

3 De beslissing

De rechtbank

in conventie en in reconventie

3.1.

bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van 3 februari 2016 voor het nemen van een akte door [eiser] over hetgeen is vermeld onder 2.3, waarna het schriftelijke debat tussen partijen in beginsel is geëindigd,

3.2.

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.A. Boon, mr. S.C.P. Giesen en mr. K. van Vlimmeren-van Ommen en in het openbaar uitgesproken op 23 december 2015.