Strafrecht overig

De rechtbank ziet aanleiding om, ondanks de gevorderde verlenging met twee jaar, de termijn van de…

Rechtbank Gelderland, 17 februari 2026

Zaakgegevens

Op 17 februari 2026 heeft de Rechtbank Gelderland uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Rechtbank Gelderland
Zittingsplaats
Zutphen
Datum uitspraak
17 februari 2026
Datum publicatie
31 maart 2026
Zaaknummer
05/264959-22 en 05/289642-22 herstel
Procedure
Beschikking
ECLI
ECLI:NL:RBGEL:2026:2502
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

De rechtbank ziet aanleiding om, ondanks de gevorderde verlenging met twee jaar, de termijn van de terbeschikkingstelling te verlengen met één jaar. Dit doet de rechtbank om de voortgang van de behandeling goed te kunnen volgen.

De officier van justitie wordt opgedragen ten behoeve van de volgende verlengingszitting opdracht te geven tot het laten opmaken van een dubbele Pro Justitia-rapportage.

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Team strafrecht

Zittingsplaats Zutphen

Parketnummers: 05-264959-22 en 05-289642-22

Datum uitspraak: 17 februari 2026

Beslissing van de meervoudige kamer als bedoeld in artikel 6:6:10 van het Wetboek van Strafvordering

in de zaak van

de officier van justitie

tegen

[betrokkene] ,

geboren op [geboortedag] 2000,

thans verblijvende in P.I. [plaats] .

Raadsvrouw mr. B.L.M. Dankelman, advocaat te Amsterdam.

1 De overweging

Bij beslissing van de meervoudige kamer van 30 januari 2026 is de terbeschikkingstelling van [betrokkene] verlengd met één jaar.

De beslissing is abusievelijk opgemaakt onder het parketnummer 05-264959-22, terwijl het vonnis waarbij de terbeschikkingstelling is opgelegd de parketnummers 05-264959-22 en

05-289642-22 (gev. ttz.) heeft.

Het parketnummer waaronder de zaak administratief is geregistreerd betreft parketnummer 05-289642-22.

De rechtbank zal dit hieronder herstellen.

2 Het herstel

De rechtbank herstelt het parketnummer van de beslissing van 30 januari 2026 in de parketnummers en 05-289642-22 en 05-264959-22.

Deze herstelbeslissing laat de oorspronkelijke beslissing voor zover niet gewijzigd, volledig in stand en vormt een onverbrekelijk geheel met de oorspronkelijke beslissing en doet geen nieuwe termijn voor hoger beroep ingaan. De griffier zal de herstelbeslissing hechten aan de oorspronkelijke beslissing en aan partijen toezenden.

Deze beslissing is gegeven door mr. P. Verkroost, als voorzitter, mr. A.P. Sno en mr. A. Bril, als

rechters in tegenwoordigheid van A.B.M. Jansen, griffier, en uitgesproken ter openbare

terechtzitting van deze rechtbank op 17 februari 2026.

Mrs. Verkroost en Bril zijn buiten staat mede te ondertekenen.