Civiel recht overig
Provisionele vordering afgewezen, hoofdzaak toegewezen als gevorderd
Rechtbank Limburg, 4 november 2020
ECLI:NL:RBLIM:2020:8612 · Rechtbank Limburg · 4 november 2020
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-limburg/civiel-recht/civiel-recht-overig/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rblim-2020-8612
Zaakgegevens
Op 4 november 2020 heeft de Rechtbank Limburg in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Rechtbank LimburgRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Maastricht
- Datum uitspraak
- 4 november 2020
- Datum publicatie
- 6 november 2020
- Zaaknummer
- 8647551 \ CV EXPL 20-3397
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBLIM:2020:8612
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Provisionele vordering afgewezen, hoofdzaak toegewezen als gevorderd
Procesgang
Rechtbank Limburg · 4 november 2020deze uitspraak
ECLI:NL:RBLIM:2020:8612
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 13 april 2021
ECLI:NL:GHSHE:2021:1092Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 1 februari 2022
ECLI:NL:GHSHE:2022:247Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 24 mei 2022
ECLI:NL:GHSHE:2022:1651
Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
Burgerlijk recht
Zittingsplaats Maastricht
Zaaknummer: 8647551 \ CV EXPL 20-3397
Vonnis van de kantonrechter van 4 november 2020
in de zaak van:
[eiser] ,
wonende [adres 1] ,
[woonplaats 1] ,
eisende partij,
gemachtigde mr. B.H.A. Augustin,
tegen:
1 [gedaagde sub 1] ,
wonende [adres 2] ,
[woonplaats 2] ,
2. [gedaagde sub 2],
wonende [adres 2] ,
[woonplaats 2] ,
3. [gedaagde sub 3],
wonende [adres 3] ,
[woonplaats 3] ,
gedaagde partij,
gemachtigde mr. J.M.A. van Dijk.
1 De procedure
in de hoofdzaak en het incident
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding tevens houdende provisionele vordering(en)
- het verzoek om uitstel van gedaagde partij.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2 De beoordeling
in de hoofdzaak
Gedaagde partij heeft, na verkregen uitstel niet meer geantwoord. De vordering van eisende partij staat daarom als niet weersproken tussen partijen vast en behoort als onvoldoende betwist te worden toegewezen behoudens de gevorderde uitvoerbaarverklaring bij voorraad van de verklaring voor recht, welke zich hiertoe niet leent.
Gedaagde partij zal worden veroordeeld in de kosten van de procedure. De kosten aan de zijde van eisende partij worden begroot op:
-
dagvaarding € 207,99
-
griffierecht € 83,00
-
salaris gemachtigde € 120,00 (1 x tarief € 120,00)
totaal € 410,99
in het incident
Ingevolge artikel 223 lid 1 Rv kan een voorlopige voorziening alleen worden getroffen als de bodemprocedure aanhangig is. De kantonrechter stelt vast dat de bodemprocedure thans niet meer aanhangig is, omdat bij dit vonnis in de hoofdzaak een eindbeslissing is gewezen. Daarom moet(en) de provisionele vordering(en) worden afgewezen.
Eisende partij zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van het incident. Deze worden begroot op nihil.
3 De beslissing
De kantonrechter
in de hoofdzaak
verklaart voor recht dat het gehuurde gebreken vertoont, welke gebreken in de risicosfeer van gedaagde partij vallen, weshalve sprake is van een tekortkoming in de nakoming van de tussen partijen gesloten huurovereenkomst, voor welke tekortkoming gedaagde partij jegens eisende partij aansprakelijk is voor alle geleden en nog te lijden schade, op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet,
bepaalt dat de huursom per 1 januari 2020 tot het moment dat alle gebreken aan zowel het dak alsook de riolering verholpen zijn met 50% gematigd wordt,
veroordeelt gedaagde partij in de kosten van de procedure aan de zijde van eisende partij gevallen en aan die zijde tot op heden begroot op een bedrag van € 410,99,
in het incident
wijst de provisionele vordering af,
veroordeelt eisende partij in de proceskosten, aan de zijde van gedaagde partij tot op heden begroot op nihil,
in de hoofdzaak en in het incident
verklaart dit vonnis voor wat betreft de veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad,
wijst af het meer of anders gevorderde.
Dit vonnis is gewezen door mr. R.H.J. Otto en in het openbaar uitgesproken.
type: JEC