Strafrecht overig
Poging tot dooslag door inrijden op/ toerijden naar politie-ambtenaar, subsidiair bedreiging. Onvoldoende…
ECLI:NL:RBMAA:2012:BX5195 · Rechtbank Maastricht · 16 augustus 2012
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-maastricht/strafrecht/strafrecht-overig/raadkamer/ecli-nl-rbmaa-2012-bx5195
Zaakgegevens
Op 16 augustus 2012 heeft de Rechtbank Maastricht uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Rechtbank MaastrichtRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 16 augustus 2012
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 03/703071-12
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- RaadkamerRaadkamerEen zitting die niet openbaar is, bijvoorbeeld over voorlopige hechtenis of een klacht over niet-vervolging.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBMAA:2012:BX5195
Samenvatting
Poging tot dooslag door inrijden op/ toerijden naar politie-ambtenaar, subsidiair
bedreiging.
Onvoldoende ernstige bezwaren nu onvoldoende aannemelijk is geworden dat
verbalisant S. op het moment van wegrijden van de auto zich voor de auto bevond.
Uitspraak
RECHTBANK MAASTRICHT
BEVEL GEVANGENHOUDING
Parketnummer: 03/703071-12
De rechtbank te Maastricht.
Gezien de vordering van de officier van justitie in dit arrondissement van
16 augustus 2012 strekkende tot gevangenhouding van:
[naam verdachte],
geboren op [geboortegegevens verdachte],
wonende te [adresgegevens verdachte],
thans verblijvende te: PI Limburg Zuid - De Geerhorst te Sittard.
Gelet op het tegen verdachte verleende bevel tot bewaring van 03 augustus 2012.
Gelet op het verhandelde ter zitting, zoals bij daarvan afzonderlijk opgemaakt
proces-verbaal vermeld;
Overwegende, dat de rechtbank na onderzoek is gebleken dat de ernstige bezwaren
ten aanzien van feit 2 en dat de recidivegrond van toepassing is;
Overwegende dat ten aanzien van hetgeen verdachte wordt verweten onder feit 1
primair en subsidiair verschillende verklaringen werden afgelegd, met name
ten aanzien van de positie van verbalisant [naam verbalisant 1] op het moment van het
wegrijden van de auto. Uit de verklaring van verbalisant [naam verbalisant 2], die zich
eveneens in de nabijheid van de auto bevond, leidt de rechtbank af, dat
verbalisant [naam verbalisant 1] op het moment van het wegrijden van de auto zich bevond naast
het bestuurdersportier. Ook door de verbalisanten [naam verbalisant 3] en [naam verbalisant 4] is
verklaard dat zij zagen dat verbalisant [naam verbalisant 1] zich naast het bestuurdersportier
bevond. Tevens heeft verbalisant [naam verbalisant 2] verklaard dat de auto langzaam
wegreed. De rechtbank is van oordeel dat onvoldoende aannemelijk is geworden
dat verbalisant [naam verbalisant 1] zich op het moment van het wegrijden van de auto voor de
auto bevond, temeer nu geen van de burger-getuigen hierover heeft verklaard.
De rechtbank is van oordeel dat er op dit moment onvoldoende ernstige bezwaren
bestaan met betrekking tot de feiten 1 primair en subsidiair;
Gezien artt. 65, 66, 67, 67a en 78 Wetboek van Strafvordering;
BEVEELT de gevangenhouding van verdachte voor een termijn van NEGENTIG dagen
en bepaalt dat de gevangenhouding zal worden ondergaan in het Huis van
Bewaring te Maastricht, danwel in enig ander Huis van Bewaring.
Aldus gedaan op 16 augustus 2012
door mrs. E.H.A.F.M. Krol, voorzitter,
F.A.G.M. Vluggen, rechter,
J.M.E. Kessels, rechter,
in tegenwoordigheid van E.H.M. Bisscheroux-Heijnens, griffier.
De officier van justitie gelast de tenuitvoerlegging van vorenstaande
beslissing en brengt deze ter kennis van verdachte.
Maastricht, 16 augustus 2012.