Insolventierecht

WHOA. Verhoging salaris herstructureringsdeskundige. Zie ook: ECLI:NL:RBMNE:2023:135 en ECLI:NL:RBMNE:2022:392

Rechtbank Midden-Nederland, 1 april 2022

Zaakgegevens

Op 1 april 2022 heeft de Rechtbank Midden-Nederland in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over insolventierecht.

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Zittingsplaats
Utrecht
Datum uitspraak
1 april 2022
Datum publicatie
14 april 2023
Zaaknummer
FT HO 22/265
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBMNE:2022:6403
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

WHOA. Verhoging salaris herstructureringsdeskundige. Zie ook: ECLI:NL:RBMNE:2023:135 en ECLI:NL:RBMNE:2022:392

Uitspraak

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]beschikking

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Afdeling Toezicht

locatie Utrecht

zaaknummer: FT HO 22/265

Beschikking op grond van artikel 371 lid 10 Faillissementswet (verhoging salaris herstructureringsdeskundige) van 1 april 2022

in de zaak van:

de heer mr.

D.J.J. VRIJBERGEN,

in zijn hoedanigheid van herstructureringsdeskundige in de akkoordprocedures van de besloten vennootschappen [vennootschap 1] B.V. en [vennootschap 2] B.V.,

verzoeker.

Betrokkenen zullen hierna [vennootschap c.s.] en de Herstructureringsdeskundige worden genoemd.

1 De procedure

1.1.

Het verdere verloop van de procedure volgt uit:

- de beschikking van 13 januari 2022,

- het verzoek van de Herstructureringsdeskundige van 17 maart 2022,

- het bericht van [vennootschap c.s.] van 30 maart 2022.

1.2.

Gelet op hierna te nemen beslissing, werd geen mondeling behandeling bepaald.

2 De beoordeling

2.1.

In de beschikking van 13 januari 2022 zijn de bevoegdheid van deze rechtbank en de keuze voor een besloten akkoordprocedure vastgesteld, en is mr. D.J.J. Vrijbergen , voornoemd, aangewezen als herstructureringsdeskundige. In deze beschikking is het bedrag dat de werkzaamheden van de Herstructureringsdeskundige ten hoogste mogen kosten vastgesteld op € 13.750,- (exclusief BTW).

2.2.

De Herstructureringsdeskundige heeft gevraagd om een verhoging van het bedrag dat zijn werkzaamheden mogen kosten. De herstructureringsdeskundige heeft gevraagd om een aanvullend salaris van € 11.875,- (exclusief btw), bovenop het eerder vastgestelde salaris. De rechtbank heeft [vennootschap c.s.] ex artikel 371 leden 5 en 10 Fw om een zienswijze gevraagd. [vennootschap c.s.] heeft aangegeven in te stemmen met het verzoek van de Herstructureringsdeskundige.

2.3.

De Herstructureringsdeskundige heeft gesteld dat zijn werkzaamheden meer tijd in beslag hebben genomen dan werd voorzien ten tijde van de aanvankelijke begroting van zijn kosten. Het kostenmaximum is daardoor bereikt. De Herstructureringsdeskundige heeft aangegeven dat belangrijke voortgang is geboekt bij de totstandkoming van een akkoord. [vennootschap c.s.] is nog altijd in staat aan haar lopende verplichtingen te voldoen.

2.4.

De werkzaamheden die de herstructureringsdeskundige heeft verricht en nog verwacht te moeten verrichten, zijn redelijkerwijs noodzakelijk. De door de herstructureringsdeskundige gegeven ureninschatting, komt de rechtbank, mede in het licht van de nog te verrichtten werkzaamheden, redelijk voor. De gevraagde verhoging van het salaris van de herstructureringsdeskundige zal daarom worden toegewezen.

3 De beslissing

De rechtbank:

3.1.

stelt het bedrag dat de werkzaamheden van de herstructureringsdeskundige ten hoogste mogen kosten vast op een totaalbedrag van € 29.208,50 exclusief btw,

3.2.

bepaalt dat voornoemde kosten, hoofdelijk, ten lasten van [vennootschap c.s.] komen en dat zij voor de betaling daarvan ten genoegen van de Herstructureringsdeskundige voor de aanvang van diens werkzaamheden zekerheid dient te stellen.

Deze beschikking is gegeven door mr. P.J. Neijt, mr. M.D.E. Leppens en mr. M.C. Bosch en in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier mr. W.F.B. van den Berg op 1 april 2022.