Strafrecht overig
Vrijspraak van verduistering en valsheid in geschrifte
Rechtbank Midden-Nederland, 10 mei 2016
ECLI:NL:RBMNE:2016:2581 · Rechtbank Midden-Nederland · 10 mei 2016
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-midden-nederland/strafrecht/strafrecht-overig/eerste-aanleg-meervoudig/ecli-nl-rbmne-2016-2581
Zaakgegevens
Op 10 mei 2016 heeft de Rechtbank Midden-Nederland in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Rechtbank Midden-NederlandRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Utrecht
- Datum uitspraak
- 10 mei 2016
- Datum publicatie
- 10 mei 2016
- Zaaknummer
- 16/710629-09
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudigMeervoudige kamerDe zaak is behandeld door drie rechters samen, meestal omdat zij ingewikkeld of zwaar is.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBMNE:2016:2581
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Vrijspraak van verduistering en valsheid in geschrifte
Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Afdeling Strafrecht
Zittingslocatie Utrecht
Parketnummer: 16/710629-09 (P)
Vonnis van de meervoudige strafkamer van 12 april 2016.
in de strafzaak tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] (Turkije) op [1977],
zonder vaste woon- of verblijfplaats te Nederland.
1 Het onderzoek ter terechtzitting
Het onderzoek ter terechtzitting heeft plaatsgevonden op 21 september 2011 en 12 april 2016. De verdachte is op 21 september 2011 in persoon verschenen en heeft zich toen ter terechtzitting laten bijstaan door mr. A.R. van Roo, advocaat te Nieuwegein.
Ter terechtzitting van 12 april 2016 is verdachte niet verschenen. De raadsman heeft laten weten zich aan de zaak te hebben onttrokken.
De rechtbank heeft op de zitting van 12 april 2016 kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie.
2 Tenlastelegging
De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.
De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte:
1. zich op één of meer tijdstippen in de periode 11 november 2007 tot en met 4 november 2008 te Utrecht en/of Odijk schuldig heeft gemaakt aan verduistering in dienstbetrekking, dan wel aan diefstal;
3. zich in de periode 11 november 2007 tot en met 4 november 2008 te Utrecht en/of Odijk schuldig heeft gemaakt aan valsheid in geschrifte.
3 Voorvragen
De dagvaarding is geldig, deze rechtbank is bevoegd tot kennisneming van de ten laste gelegde feiten en de officier van justitie is ontvankelijk. Er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.
4 Waardering van het bewijs
Het standpunt van het Openbaar Ministerie
De officier van justitie heeft integrale vrijspraak gevorderd voor de ten laste gelegde feiten, vanwege het ontbreken van voldoende wettig bewijs.
Het oordeel van de rechtbank
De rechtbank is met de officier van justitie van oordeel dat verdachte dient te worden vrijgesproken van de ten laste gelegde feiten, vanwege het ontbreken van voldoende wettig bewijs.
5 Ten aanzien van de benadeelde partijen
Door de curator van [naam] B.V. is een vordering benadeelde partij ingediend ten bedrage van € 52.181,21.
Namens [aangever] is een vordering benadeelde partij ingediend ten bedrage van
€ 69.843,58
Nu aan verdachte - zonder toepassing van artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht - geen straf of maatregel is opgelegd, zijn de vorderingen niet-ontvankelijk.
6 Beslissing
De rechtbank:
Vrijspraak
- spreekt verdachte vrij van hetgeen hem ten laste is gelegd.
Benadeelde partijen
- verklaart de benadeelde partijen, [naam] B.V. en [aangever], niet ontvankelijk in hun vordering;
- veroordeelt de benadeelde partijen in de kosten van verdachte tot nu toe gemaakt, tot op heden begroot op nihil.
Dit vonnis is gewezen door
mr. A.G. Bakker, voorzitter,
mrs. P.J.M. Mol en M.S. Mehilal, rechters,
in tegenwoordigheid van A. Heijboer, griffier,
en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 12 april 2016.
BIJLAGE : De tenlastelegging
Aan [verdachte] wordt ten laste gelegd dat
1.
Primair
hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 11 november 2007 tot en met 4 november 2008 te Utrecht en/of Odijk, althans in Nederland, opzettelijk één of meer geldbedragen (in totaal 41.785,55 euro), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan het bedrijf [naam] B.V., in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welk(e) goed(eren) verdachte uit hoofde van zijn persoonlijke dienstbetrekking van / als medewerker en/of investeerder van [naam] B.V., in elk geval anders dan door misdrijf onder zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend;
art 321 Wetboek van Strafrecht
art 322 Wetboek van Strafrecht
Subsidiair
hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 11 november 2007 tot en met 4 november 2008 te Utrecht en/of Odijk, althans in Nederland, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen één of meer geldbedragen (in totaal 41.785,55 euro), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan het bedrijf [naam] B.V., in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte;
art 310 Wetboek van Strafrecht
3.
hij in of omstreeks 11 november 2007 tot en met 4 november 2008 te Utrecht en/of Odijk, althans in Nederland, één of meer transactieoverzicht(en) - (elk) zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen - valselijk heeft opgemaakt of vervalst, immers heeft verdachte valselijk (kopieën en/of afschriften van transactieoverzichten (bijlage J van het proces-verbaal) doorgemaild, waaruit betaling(en) door verdachte en/of het bedrijf [naam] B.V. moeten blijken, welke betalingen echter niet hebben plaatsgevonden, zulks met het oogmerk om dat/die geschrift(en) als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken;
art 225 lid 1 Wetboek van Strafrecht