Civiel recht overig
Gedaagde niet bij deurwaarders-exploot opgeroepen voor de mondelinge behandeling. Eisers niet ontvankelijk.
Rechtbank Noord-Holland, 30 oktober 2023
ECLI:NL:RBNHO:2023:10812 · Rechtbank Noord-Holland · 30 oktober 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-noord-holland/civiel-recht/civiel-recht-overig/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbnho-2023-10812
Zaakgegevens
Op 30 oktober 2023 heeft de Rechtbank Noord-Holland in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Rechtbank Noord-HollandRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Zaanstad
- Datum uitspraak
- 30 oktober 2023
- Datum publicatie
- 27 oktober 2023
- Zaaknummer
- 10751631 \ VV EXPL 23-85
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBNHO:2023:10812
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Gedaagde niet bij deurwaarders-exploot opgeroepen voor de mondelinge behandeling. Eisers niet ontvankelijk.
Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Handel, Kanton en Bewind
locatie Zaanstad
Zaaknr./rolnr.: 10751631 \ VV EXPL 23-85
Uitspraakdatum: 30 oktober 2023
Vonnis van de kantonrechter in kort geding in de zaak van:
1 [eiser sub1]
2. [eiser sub2 1]
3. [eiser sub3]
4. [eiser sub4]
5. [eiser sub5]
6. [eiser sub6]
7. [eiser sub7]
8. [eiser sub8]
[woonplaats]
eisers
verder te noemen: [eiser]
gemachtigde: [gemachtigde]
tegen
de stichting Stichting Parteon
gevestigd te Wormerveer
gedaagde
verder te noemen: Parteon
niet verschenen
1 Het procesverloop
[eiser] hebben voorafgaande aan de mondelinge behandeling stukken aan Parteon overhandigd.
De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 23 oktober 2023. Parteon is niet verschenen.
De griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat [eiser] ter toelichting van hun standpunt naar voren hebben gebracht.
2 De beoordeling
Omdat Parteon niet op de zitting is verschenen, moet de kantonrechter beoordelen of er verstek verleend kan worden aan Parteon. De kantonrechter oordeelt dat dit niet het geval is, omdat Parteon niet op de juiste wijze voor de mondelinge behandeling is opgeroepen. Dit wordt als volgt toegelicht.
Op basis van de wet wordt een procedure ingeleid door middel van een dagvaarding. Deze dagvaarding dient bij exploot door een bevoegde deurwaarder aan de wederpartij te worden uitgebracht.
Ondanks dat de kantonrechter [eiser] er via een opmerking op het aanvraagformulier voor dit kort geding expliciet op heeft gewezen dat de dagvaarding betekend moet worden door een deurwaarder die ingeschreven is in het – door de Koninklijke Beroepsorganisatie van Gerechtsdeurwaarders (KBvG) beheerde – register voor gerechtsdeurwaarders, hebben [eiser] dit nagelaten. Als reden hiervoor hebben [eiser] aangevoerd dat door de inwerkingtreding van de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren deurwaarders hun ambtelijke status zijn kwijtgeraakt en een exploot uitgebracht door een deurwaarder daardoor dezelfde waarde heeft als een dagvaarding die is uitgebracht door een ander persoon. Dit betoog faalt. Zoals onder r.o. 2.2. al is overwogen schrijft de wet voor dat het exploot van dagvaarding moet worden uitgebracht door een deurwaarder. Dit is een dwingendrechtelijke bepaling, zodat daarvan niet mag worden afgeweken. Daar komt bij dat een deurwaarder, anders dan door [eiser] is betoogd, zijn bevoegdheid om ambtshandelingen te verrichten (waaronder dus het uitbrengen van exploten) niet ontleent aan de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren, maar aan de Gerechtsdeurwaarderswet.
Dat [eiser] hebben nagelaten de dagvaarding aan Parteon te laten betekenen door een deurwaarder brengt met zich mee dat zij niet-ontvankelijk zijn in hun vorderingen. Aan een inhoudelijke behandeling van de zaak wordt daardoor niet toegekomen.
De proceskosten komen voor rekening van [eiser] , omdat zij aangemerkt moeten worden als de in het ongelijk gestelde partij. Omdat Parteon niet is verschenen, zullen de proceskosten aan de zijde van Parteon worden begroot op nihil.
3 De beslissing
De kantonrechter:
verklaart [eiser] niet ontvankelijk in hun vorderingen,
veroordeelt [eiser] in de proceskosten aan de zijde van Parteon tot op heden begroot op nihil;
Dit vonnis is gewezen door mr. A.P. Ploeger en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter