Verbintenissenrecht

Man heeft huis verkocht en moet het volgende week leveren aan koper. Nu blijkt dat ex echtgenote nog als…

Rechtbank Noord-Holland, 16 september 2026

Zaakgegevens

Op 16 september 2026 heeft de Rechtbank Noord-Holland in kort geding uitspraak gedaan in een zaak over verbintenissenrecht.

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Zittingsplaats
Haarlem
Datum uitspraak
16 september 2026
Datum publicatie
16 september 2026
Zaaknummer
C/15/381942
Procedure
Kort geding
Advocaat
mr. E.J. Huizinga
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2026:12397
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Man heeft huis verkocht en moet het volgende week leveren aan koper. Nu blijkt dat ex echtgenote nog als mede-eigenaar geregistreerd staat. Zij is in 2011 vertrokken naar Cuba en partijen hebben sinds die tijd geen enkel contact meer gehad. Vonnis in de plaats van benodigde toestemming van de vrouw en verkorting termijn op grond van 3:301 lid 1 BW

Uitspraak

RECHTBANK Noord-Holland

Civiel recht

Zittingsplaats Haarlem

Zaaknummer: C/15/381942 / KG ZA 26-518

Vonnis in kort geding van 16 september 2026

in de zaak van

[eiser] ,

te [plaats],

eisende partij,

hierna te noemen: de man,

advocaat: mr. E.J. Huizinga,

tegen

[gedaagde] ,

wonende te Cuba, zonder bekende woon- of verblijfplaats in Nederland of daarbuiten,

gedaagde partij,

hierna te noemen: de vrouw,

niet verschenen.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • de dagvaarding met 2 producties

  • de mondelinge behandeling van 16 september 2026

  • het tegen de vrouw verleende verstek

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De beoordeling

2.1.

De man heeft gevorderd zoals is vermeld in de dagvaarding waarmee deze procedure is ingeleid. De inhoud van deze dagvaarding moet als hier herhaald en ingelast worden beschouwd.

2.2.

De vordering komt de voorzieningenrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal worden toegewezen.

2.3.

Omdat partijen voormalig echtelieden zijn zullen de proceskosten worden gecompenseerd.

3 De beslissing

De voorzieningenrechter

3.1.

bepaalt dat dit vonnis in de plaats treedt van de voor de notariële eigendomsoverdracht van de woning aan de koper vereiste toestemming c.q. handtekening van de vrouw,

3.2.

bepaalt de termijn bedoeld in artikel 3:301, eerste lid aanhef en onder b BW op één dag na betekening van het vonnis;

3.3.

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

3.4.

compenseert de proceskosten in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.J. Wolfs en in het openbaar uitgesproken op 16 september 2026.

1155