Bestuursrecht overig
wraking, geen naam van de behandelend rechter en geen gronden aangevoerd. verzoek is niet-ontvankelijk
Rechtbank Noord-Nederland, 29 mei 2017
ECLI:NL:RBNNE:2017:5092 · Rechtbank Noord-Nederland · 29 mei 2017
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-noord-nederland/bestuursrecht/bestuursrecht-overig/wraking/ecli-nl-rbnne-2017-5092
Zaakgegevens
Op 29 mei 2017 heeft de Rechtbank Noord-Nederland uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.
- Instantie
- Rechtbank Noord-NederlandRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Groningen
- Datum uitspraak
- 29 mei 2017
- Datum publicatie
- 9 januari 2018
- Zaaknummer
- C18/176389/ PR RK 17-184
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Bestuursrecht overig
- Procedure
- WrakingWrakingEen partij vraagt om een rechter van de zaak te halen, omdat zij twijfelt aan diens onpartijdigheid.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBNNE:2017:5092
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
wraking, geen naam van de behandelend rechter en geen gronden aangevoerd.
verzoek is niet-ontvankelijk
Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Zittingsplaats Groningen
zaaknummer: C18/176389/ PR RK 17-184
beslissing van de meervoudige kamer van 29 mei 2017
op het verzoek tot wraking ingevolge artikel 8:15 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) van
[naam] ,
wonende te [woonplaats] ,
verzoeker.
1 Procesverloop
Bij brief van 22 mei 2017 heeft verzoeker een verzoek ingediend tot wraking van de bestuursrechter in de procedure met nummer LEE 17/1774 BESLU (aanhangig bij deze rechtbank, afdeling Bestuursrecht) waarbij verzoeker als partij is betrokken.
2 Overwegingen
Ingevolge artikel 8:15 Awb e.v. kan op verzoek van een partij elk van de rechters die een zaak behandelen, worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.
Het wrakingsverzoek bevat niet de naam c.q. namen van de behandelende rechter(s) in de zaak, waarin verzoeker de rechter(s) wraakt. Daaruit leidt de rechtbank af dat verzoeker kennelijk beoogt alle rechters te wraken die mogelijkerwijs die zaak gaan behandelen. Dat is niet mogelijk, gelet op het arrest van de Hoge Raad van 18 december 1998 (NJ 1999/271).
Omdat verzoeker voorts geen concrete feiten of omstandigheden aanvoert waaruit blijkt van vooringenomenheid van de rechter(s) in de procedure met zaaknummer 17/1774 BESLU, dient het wrakingsverzoek kennelijk niet-ontvankelijk te worden verklaard. Een mondelinge behandeling van het wrakingsverzoek kan daarom achterwege blijven.
3 Beslissing
De rechtbank:
- verklaart het verzoek niet-ontvankelijk;
- bepaalt dat de procedure met zaaknummer LEE 17/1774 BESLU wordt voortgezet in de stand waarin deze zich bevond ten tijde van het indienen van het verzoek tot wraking;
- beveelt de onverwijlde mededeling van deze beslissing aan verzoeker en het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Haren.
Deze beslissing is gegeven door mrs. R.B.M. Keurentjes, voorzitter, P. Molema en
W.P. Claus, rechters, in tegenwoordigheid van de griffier en in het openbaar uitgesproken op 29 mei 2017.
typ: 123