Bestuursstrafrecht
Wahv. De beroepsgronden slagen niet. Uit het zaakoverzicht blijkt dat sprake is van een fietser. Volgens de…
Rechtbank Noord-Nederland, 3 maart 2025
ECLI:NL:RBNNE:2025:809 · Rechtbank Noord-Nederland · 3 maart 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-noord-nederland/bestuursrecht/bestuursstrafrecht/mondelinge-uitspraak/ecli-nl-rbnne-2025-809
Zaakgegevens
Op 3 maart 2025 heeft de Rechtbank Noord-Nederland uitspraak gedaan in een zaak over bestuursstrafrecht.
- Instantie
- Rechtbank Noord-NederlandRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Leeuwarden
- Datum uitspraak
- 3 maart 2025
- Datum publicatie
- 5 maart 2025
- Zaaknummer
- 11140632 BU VERZ 24-1138
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Bestuursstrafrecht
- Procedure
- Mondelinge uitspraakMondelinge uitspraakDe rechter doet direct aan het eind van de zitting uitspraak; die wordt vastgelegd in een proces-verbaal.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBNNE:2025:809
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Wahv. De beroepsgronden slagen niet. Uit het zaakoverzicht blijkt dat sprake is van een fietser. Volgens de Dikke Van Dale is een fietser iemand die op een fiets rijdt. Als betrokkene daadwerkelijk niet fietste, had het voor de hand gelegen dat zij dit tijdens de staandehouding zou verklaren. In plaats daarvan gaf zij als verklaring voor de gedraging “omdat het batterijtje leeg was”. De gedraging kan daarom worden vastgesteld. Daarnaast heeft de vertegenwoordigster ter zitting een aanvullend proces-verbaal overgelegd, waarin de verbalisant verklaart dat betrokkene fietste.
Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Zittingsplaats Leeuwarden
Bestuursrecht
beschikkingsnummer: 261678925
zaaknummer: 11140632 BU VERZ 24-1138
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak gedaan op de openbare zitting van 3 maart 2025 in het beroep inzake de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv), ingediend door
E.L. van Schalkwijk (betrokkene),
wonende in [woonplaats],
(gemachtigde: mr. N.G.A. Voorbach, Verkeersboete.nl).
Zitting hebben
als kantonrechter : mr. H. de Ruijter
als griffier : mr. W.B. Jongsma
Gemachtigde en betrokkene zijn niet op de zitting verschenen. Als vertegenwoordigster van de officier van justitie is verschenen mr. P. Veenstra.
De verweten gedraging is: “geen voortdurend zichtbaar wit/geel licht a.d. voorzijde en/of zichtbaar rood licht a.d. achterzijde van fiets voeren”, verricht op 15 oktober 2023, om 01:21 uur, locatie: Burg Kuperusplein in Heerenveen, Gemeente Heerenveen, met een fiets. De opgelegde sanctie bedraagt € 69,00 (inclusief administratiekosten).
Gemachtigde voert aan dat betrokkene de gedraging niet heeft verricht. Uit de beschikbare gegevens blijkt niet dat betrokkene reed ten tijde van het vaststellen van de gedraging.
De kantonrechter sluit het onderzoek en doet onmiddellijk mondeling uitspraak. Hij overweegt daarbij als volgt:
De beroepsgronden slagen niet. Uit het zaakoverzicht blijkt dat sprake is van een fietser.
Volgens de Dikke Van Dale is een fietser iemand die op een fiets rijdt. Als betrokkene daadwerkelijk niet fietste, had het voor de hand gelegen dat zij dit tijdens de staandehouding zou verklaren. In plaats daarvan gaf zij als verklaring voor de gedraging “omdat het batterijtje leeg was”. De gedraging kan daarom worden vastgesteld. Daarnaast heeft de vertegenwoordigster ter zitting een aanvullend proces-verbaal overgelegd, waarin de verbalisant verklaart dat betrokkene fietste.
De kantonrechter verklaart het beroep ongegrond.
Waarvan proces-verbaal,
griffier, kantonrechter,
Rechtsmiddel
Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het
gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:
a. de u opgelegde administratieve sanctie meer dan € 110,00 bedraagt, of
b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u geen (of niet op tijd) zekerheid heeft gesteld.
Het (hoger) beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, locatie Groningen (Postbus 150, 9700 AD Groningen). U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.
De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het (hoger) beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting is gevraagd.
Afschrift verzonden aan partijen op: