Bestuursstrafrecht

Wahv, ‘een geslotenverklaring die voor beide richtingen geldt negeren (bord C1)’. Gegrond beroep. De…

Rechtbank Noord-Nederland, 10 juli 2026

Zaakgegevens

Op 10 juli 2026 heeft de Rechtbank Noord-Nederland uitspraak gedaan in een zaak over bestuursstrafrecht.

Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Zittingsplaats
Leeuwarden
Datum uitspraak
10 juli 2026
Datum publicatie
7 augustus 2026
Zaaknummer
11958677 BU VERZ 25-2314
Procedure
Mondelinge uitspraak
ECLI
ECLI:NL:RBNNE:2026:3331
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Wahv, ‘een geslotenverklaring die voor beide richtingen geldt negeren (bord C1)’. Gegrond beroep. De kantonrechter volgt het voorstel van de vertegenwoordiger. Betrokkene heeft de geslotenverklaring genegeerd, maar er is sprake van bijzondere omstandigheden. Op de heenweg is betrokkene namelijk wel van de andere kant komen rijden. De kantonrechter heeft begrip voor de keuze die betrokkene heeft gemaakt met de gezondheid van zijn vader op het het oog. Daarom zal de kantonrechter de boete matigen naar € 30,00 (plus € 9,00 administratiekosten).

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Zittingsplaats Leeuwarden

Bestuursrecht

beschikkingsnummer: 273516000

zaaknummer: 11958677 BU VERZ 25-2314

proces-verbaal van de mondelinge uitspraak gedaan op de openbare zitting van 10 juli 2026

in de zaak van

[betrokkene] (de betrokkene),

die woont in [woonplaats].

Inleiding

1. Aan betrokkene is een boete opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De verkeersovertreding waarvoor de boete is opgelegd is: ‘een geslotenverklaring die voor beide richtingen geldt negeren (bord C1)’, verricht op 20 april 2025, om 12:41 uur, op de Singel in Sneek, met een personenauto, met kenteken [kenteken]. De opgelegde boete bedraagt € 129,00 (inclusief administratiekosten).

1.1.

Betrokkene heeft tegen de boete beroep ingesteld bij de officier van justitie. Deze heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.

1.2.

De kantonrechter heeft het beroep op 10 juli 2026 op de zitting behandeld. Daarbij waren aanwezig: betrokkene en als vertegenwoordiger van de officier van justitie mr. P. Belopavlovic.

1.3.

Na afloop van het onderzoek op de zitting heeft de kantonrechter onmiddellijk uitspraak gedaan.

Beoordeling door de kantonrechter

Beslissing

2. De kantonrechter beoordeelt het beroep aan de hand van de beroepsgronden van betrokkene. Hij oordeelt dat het beroep gegrond is en matigt de boete. Hij legt hierna uit waarom hij dat doet.

Standpunten

3. Betrokkene bracht zijn vader, wiens gezondheid achteruitgaat, naar de [activiteit] in de [locatie]. Op de heenweg kon zijn vader vanaf de parkeerplek in de buurt wel naar de [locatie] lopen, maar op de terugweg ging dat niet. De rolstoelen van de [locatie] waren al in gebruik en betrokkenes vader kon niet meer staan. Daarom haalde hij snel de auto op, er niet aan denkend dat hij daarbij een geslotenverklaring negeerde.

4. De vertegenwoordiger stelt zich op het standpunt dat betrokkene de geslotenverklaring niet hoefde te passeren om bij de [locatie] te komen, als hij van de andere kant was komen rijden. Sprake van overmacht was er dus niet. Maar aangezien betrokkene zich plotseling geconfronteerd zag met de situatie, vindt de vertegenwoordiger matiging van de boete tot € 30,00 plus € 9,00 administratiekosten op haar plaats.

Overwegingen

5. Betrokkene betwist de verkeersovertreding niet, die daarom vaststaat.

6. De kantonrechter volgt het voorstel van de vertegenwoordiger. Betrokkene heeft de geslotenverklaring genegeerd, maar er is sprake van bijzondere omstandigheden. Op de heenweg is betrokkene namelijk wel van de andere kant komen rijden. De kantonrechter heeft begrip voor de keuze die betrokkene heeft gemaakt met de gezondheid van zijn vader op het het oog. Daarom zal de kantonrechter de boete matigen naar € 30,00 (plus € 9,00 administratiekosten).

Conclusie

De kantonrechter:

  • verklaart het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie gegrond;

  • vernietigt die beslissing;

  • wijzigt de inleidende beschikking en matigt de boete tot € 39,00 (inclusief administratiekosten);

  • bepaalt dat betrokkene het teveel aan zekerheidstelling betaalde terugkrijgt.

Waarvan proces-verbaal,

D.W. Veenstra, griffier mr. P.G. Wijtsma, kantonrechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het

gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:

a. de u opgelegde administratieve boete meer dan € 110,00 bedraagt, of

b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u geen (of niet op tijd) zekerheid heeft gesteld.

Het (hoger) beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, locatie Groningen (Postbus 150, 9700 AD Groningen). U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.

De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het (hoger) beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting is gevraagd.