Civiel recht overig

Rechtbank Noord-Nederland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Civiel recht overig

Rechtbank Noord-Nederland, 12 november 2019

Zaakgegevens

Op 12 november 2019 heeft de Rechtbank Noord-Nederland in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Zittingsplaats
Groningen
Datum uitspraak
12 november 2019
Datum publicatie
23 december 2019
Zaaknummer
C/18/180031 / KG ZA 17-270
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBNNE:2019:5320
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Herstelvonnis

ECLI:NL:RBNNE.2017:4942

Uitspraak

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]vonnis

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling privaatrecht

Locatie Groningen

zaaknummer / rolnummer: C/18/180031 / KG ZA 17-270

Herstelvonnis in kort geding van 12 november 2019

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

GGB INSTALLATIES B.V.,

gevestigd te Zuidbroek,

eiseres,

advocaat mr. L.S. Slinkman te Hoogezand,

tegen

[naam] ,

wonende te [woonplaats] ,

gedaagde,

advocaat mr. M. Helmantel te Sappemeer.

Partijen zullen hierna GGB en [gedaagden] genoemd worden.

1 Ambtshalve verbetering van het vonnis

1.1.

De voorzieningenrechter heeft geconstateerd dat in het vonnis van 19 december 2017 (hierna: het vonnis) een kennelijke schrijffout is geslopen.

1.2.

In rechtsoverweging 4.4. van het vonnis staat '(art. 6:627 BW)', terwijl dit '(art. 7:627 BW)' had moeten zijn.

2 De beoordeling

2.1.

De voorzieningenrechter is van oordeel dat in het vonnis sprake is van een kennelijke fout die zich voor eenvoudig herstel leent.

3 De beslissing

De voorzieningenrechter:

3.1.

verbetert het vonnis in die zin dat waar in r.o. 4.4. van het vonnis staat '(art.6:627 BW)', wordt gewijzigd in '(art. 7:627 BW)'.

3.2.

handhaaft het vonnis voor het overige,

3.3.

bepaalt dat deze wijziging onder de vermelding van de datum 12 november 2019 wordt vermeld op de minuut van het vonnis van 19 december 2017,

3.4.

gelast elk van partijen de ontvangen grosse dan wel het ontvangen afschrift van het vonnis van 19 december 2017 na ontvangst van deze aanvullende beslissing aan de griffie van de rechtbank te retourneren.

Dit vonnis is gewezen door mr. B.R. Tromp en in het openbaar uitgesproken op 12 november 2019.