Strafrecht overig
Vrijspraak mishandeling door portier discotheek Gemert.
Rechtbank Oost-Brabant, 15 oktober 2015
ECLI:NL:RBOBR:2015:5887 · Rechtbank Oost-Brabant · 15 oktober 2015
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-oost-brabant/strafrecht/strafrecht-overig/eerste-aanleg-meervoudig/ecli-nl-rbobr-2015-5887
Zaakgegevens
Op 15 oktober 2015 heeft de Rechtbank Oost-Brabant in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Rechtbank Oost-BrabantRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- 's-Hertogenbosch
- Datum uitspraak
- 15 oktober 2015
- Datum publicatie
- 14 oktober 2015
- Zaaknummer
- 01/134682-14
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudigMeervoudige kamerDe zaak is behandeld door drie rechters samen, meestal omdat zij ingewikkeld of zwaar is.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBOBR:2015:5887
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Vrijspraak mishandeling door portier discotheek Gemert.
Uitspraak
[afbeelding niet beschikbaar]vonnis
RECHTBANK OOST-BRABANT
Strafrecht
Parketnummer: 01/134682-14
Datum uitspraak: 15 oktober 2015
Vonnis van de rechtbank Oost-Brabant, meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken, in de zaak tegen:
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [1970] ,
wonende te [woonplaats] , [adres] .
Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting van 21 april 2015 (politierechter) en 1 oktober 2015 (meervoudige strafkamer).
De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie en van hetgeen van de zijde van verdachte naar voren is gebracht.
De tenlastelegging.
De zaak is aanhangig gemaakt bij dagvaarding van 19 januari 2015.
Aan verdachte is ten laste gelegd dat:
hij op of omstreeks 27 januari 2013 te Handel, gemeente Gemert-Bakel, opzettelijk mishandelend een persoon (te weten [slachtoffer 1] ), heeft geslagen
en/of geschopt en/of bij de keel gepakt en/of tegen de muur geduwd, waardoor deze letsel heeft bekomen en/of pijn heeft ondervonden.
De formele voorvragen.
Bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de dagvaarding geldig is. De rechtbank is bevoegd van het ten laste gelegde kennis te nemen en de officier van justitie kan in zijn vervolging worden ontvangen. Voorts zijn er geen gronden gebleken voor schorsing van de vervolging.
Het standpunt van de officier van justitie.
De officier van justitie heeft geconcludeerd tot vrijspraak wegens gebrek aan bewijs.
Op de camerabeelden van de portiersloge van de [horecagelegenheid] is te zien dat verdachte meermalen [slachtoffer 2] heeft geslagen, echter de mishandeling van [slachtoffer 2] wordt niet aan verdachte tenlastegelegd.
Het standpunt van de verdediging.
De raadsman heeft –zakelijk weergegeven- geconcludeerd tot vrijspraak, omdat [slachtoffer 1] weliswaar is mishandeld maar niet door verdachte.
Vrijspraak.
De rechtbank acht niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen aan verdachte is ten laste gelegd, zodat de verdachte daarvan behoort te worden vrijgesproken.
Uit de camerabeelden van de portiersloge van de [horecagelegenheid] blijkt weliswaar dat verdachte op 27 januari 2013 geweld heeft gebruikt tegen [slachtoffer 2] . Uit het dossier en uit de beelden blijkt echter niet dat verdachte [slachtoffer 1] heeft mishandeld, zoals is tenlastegelegd.
De vordering van de benadeelde partij.
Nu verdachte van het hem ten laste gelegde feit zal worden vrijgesproken, dient de benadeelde partij in de vordering niet-ontvankelijk te worden verklaard.
De benadeelde partij zal worden verwezen in de kosten door de verdachte in deze strafzaak gemaakt als na te melden.
DE UITSPRAAK
Vrijspraak
Verklaart niet bewezen, dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan. Niet-ontvankelijkverklaring van de benadeelde partij [slachtoffer 1] in de vordering.
Veroordeelt de benadeelde partij in de kosten van de verdachte tot op heden begroot op nihil.
Dit vonnis is gewezen door:
mr. B.A.J. Zijlstra voorzitter,
mr. J.H.P.G. Wielders en mr. W.T.A.M. Verheggen, leden,
in tegenwoordigheid van L.D. Wittenberg, griffier,
en is uitgesproken op 15 oktober 2015.
Mr. W.T.A.M. Verheggen voornoemd is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.