Civiel recht overig
Verzoekschrift ontbinding arbeidsovereenkomst.
Rechtbank Overijssel, 27 juli 2015
ECLI:NL:RBOVE:2015:5821 · Rechtbank Overijssel · 27 juli 2015
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-overijssel/civiel-recht/civiel-recht-overig/beschikking/ecli-nl-rbove-2015-5821
Zaakgegevens
Op 27 juli 2015 heeft de Rechtbank Overijssel uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Rechtbank OverijsselRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Enschede
- Datum uitspraak
- 27 juli 2015
- Datum publicatie
- 1 maart 2016
- Zaaknummer
- 4136484 \ EJ VERZ 15-195 (ctb)
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- BeschikkingBeschikkingEen beslissing van de rechter in een zaak die met een verzoekschrift is begonnen, zoals een echtscheiding of faillissement.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBOVE:2015:5821
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Verzoekschrift ontbinding arbeidsovereenkomst.
Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
Team kanton en handelsrecht
Zittingsplaats Enschede
Zaaknummer : 4136484 \ EJ VERZ 15-195 (ctb)
Beschikking d.d. 27 juli 2015 in de zaak van:
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Wegener Media B.V.
statutair gevestigd te Apeldoorn
verzoekende partij
hierna te noemen: Wegener
gemachtigde: Wegener Media B.V. afdeling Juridische Zaken te Apeldoorn
tegen
[verweerder]
wonende te [woonplaats]
verwerende partij
hierna te noemen: [verweerder]
gemachtigde: mr. J.C. Dingeldein
advocaat te Enschede
Gezien het op 20 mei 2015 ter griffie van dit gerecht binnengekomen verzoekschrift strekkende tot ontbinding ex artikel 7:685 van het Burgerlijk Wetboek van de tussen partijen bestaande arbeidsovereenkomst.
Gezien het ingekomen verweerschrift en de overige op het geding betrekking hebbende stukken.
Partijen hebben afgezien van een mondelinge behandeling van het verzoek.
Overweegt:
Gebleken is dat het verzoek geen verband houdt met de opzegverboden genoemd in de artikelen 7:647, 7:648, 7:670 en 7:670a B.W. of enig ander verbod tot opzegging van de arbeidsovereenkomst.
Tussen partijen staat onweersproken vast dat [verweerder] , geboren op [geboortedatum] 1965, sedert
1 januari 1986 in dienst is van Wegener laatstelijk in de functie van Fotojournalist plus tegen een salaris van thans € 3.440,42 bruto per maand, exclusief toeslagen en emolumenten.
Uit het feit dat namens [verweerder] is afgezien van een mondelinge behandeling moet de kantonrechter afleiden dat [verweerder] thans het primaire verweer niet langer wenst te handhaven.
Op grond van hetgeen door partijen over en weer is aangevoerd blijkt naar het oordeel van de kantonrechter voldoende dat Wegener een reorganisatie heeft doorgevoerd, welke heeft geleid tot het vervallen van de functie van [verweerder] , terwijl elders in het bedrijf, ondanks onderzoek daartoe geen passende functie voor [verweerder] beschikbaar is.
Derhalve is sprake van gewijzigde omstandigheden, op grond waarvan de arbeidsovereenkomst billijkheidshalve behoort te worden ontbonden.
Nu partijen het erover eens zijn dat [verweerder] van de gewijzigde omstandigheden geen verwijt valt te maken komt het de kantonrechter dan ook billijk voor om [verweerder] de hiernavolgende vergoeding toe te kennen, overeenkomstig het aanbod van Wegener.
Gelet hierop kan Wegener geacht worden afstand te hebben gedaan van haar bevoegdheid tot intrekking van het verzoek.
De kantonrechter acht termen aanwezig de kosten van deze procedure te compenseren.
Beschikt:
Ontbindt de tussen partijen bestaande arbeidsovereenkomst per 1 augustus 2015.
Kent aan [verweerder] ten laste van Wegener een vergoeding toe van € 79.171,51 bruto en veroordeelt mitsdien Wegener tot betaling van dit bedrag aan [verweerder] .
Compenseert de proceskosten aldus, dat iedere partij haar eigen kosten draagt.
Aldus gegeven en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 27 juli 2015 door
mr. A.M.S. Kuipers, kantonrechter, in tegenwoordigheid van de griffier.