Civiel recht overig
Rechtbank Overijssel · Eerste aanleg - enkelvoudig · Civiel recht overig
Rechtbank Overijssel, 28 juli 2026
ECLI:NL:RBOVE:2026:4878 · Rechtbank Overijssel · 28 juli 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-overijssel/civiel-recht/civiel-recht-overig/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbove-2026-4878
Zaakgegevens
Op 28 juli 2026 heeft de Rechtbank Overijssel in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Rechtbank OverijsselRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Enschede
- Datum uitspraak
- 28 juli 2026
- Datum publicatie
- 8 augustus 2026
- Zaaknummer
- 12196545 \ RR FORM 26-24
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBOVE:2026:4878
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Verstekzaak regelrechter
Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Enschede
Zaaknummer: 12196545 \ RR FORM 26-24
Vonnis van 28 juli 2026 in de experimentele procedure bij de kantonrechter als regelrechter
in de zaak van
[eiser] ,
wonende te [woonplaats 1],
eisende partij, hierna te noemen: [eiser],
procederend in persoon,
tegen
[gedaagde] ,
wonende te [woonplaats 2],
gedaagde partij, hierna te noemen: [gedaagde],
niet verschenen.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het aanvraagformulier met bijlagen van [eiser];
- de mondelinge behandeling van 21 juli 2026. [gedaagde] is niet bij deze mondelinge behandeling verschenen en daarom is tegen haar verstek verleend.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2 De beoordeling
[eiser] vordert veroordeling van [gedaagde] tot betaling van een bedrag van € 500,00 en tot betaling van de incassokosten en proceskosten. [eiser] legt aan het gevorderde ten grondslag dat [eiser] en [gedaagde] een overeenkomst hebben gesloten en dat [eiser] deze overeenkomst nog diezelfde dag heeft herroepen. Vanwege de herroeping van de overeenkomst moet [gedaagde] de aanbetaling van € 500,00 terugbetalen.
[gedaagde] is niet verschenen in deze procedure en daarom is tegen haar verstek verleend. De regelrechter wijst de tegen [gedaagde] ingestelde vorderingen toe, tenzij de vordering haar onrechtmatig of ongegrond voorkomt.
Het gevorderde komt de regelrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal – behoudens het navolgende – als hierna te melden worden toegewezen.
De gevorderde wettelijke rente wordt toegewezen vanaf 8 maart 2026, omdat [gedaagde] vanaf deze datum (gelet op de e-mail van [eiser] van 23 februari 2026) in verzuim verkeert.
[gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten betalen. De proceskosten van [eiser] worden begroot op het griffierecht van € 233,00 en de reis- en verletkosten van € 50,00.
3 De beslissing
De regelrechter:
veroordeelt [gedaagde] om aan [eiser] te betalen een bedrag van € 575,00, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 500,00 vanaf 8 maart 2026 tot de dag van gehele betaling;
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 283,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend;
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,
wijst het meer of anders gevorderde af.
|
Dit vonnis is gewezen door mr. J.M. Marsman en in het openbaar uitgesproken op 28 juli 2026. Bent u het niet eens met dit vonnis? Dan kunt u in verzet gaan door een schriftelijke mededeling aan de griffier van deze rechtbank, die wordt gedaan per gewone post of langs elektronische weg. Dat doet u in beginsel binnen vier weken na de betekening van het vonnis aan u in persoon of nadat u bekend bent geworden met het vonnis. De termijn begint ook op de dag waarop het vonnis ten uitvoer is gelegd. Er zijn uitzonderingen mogelijk op de termijn van verzet. |
||
|
! |
||