Verbintenissenrecht
Kort geding. Ontruiming toegewezen. Tijdens zitting hebben de partijen een ontruimingstermijn afgesproken.
Rechtbank Rotterdam, 20 januari 2025
ECLI:NL:RBROT:2025:806 · Rechtbank Rotterdam · 20 januari 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-rotterdam/civiel-recht/verbintenissenrecht/kort-geding/ecli-nl-rbrot-2025-806
Zaakgegevens
Op 20 januari 2025 heeft de Rechtbank Rotterdam in kort geding uitspraak gedaan in een zaak over verbintenissenrecht.
- Instantie
- Rechtbank RotterdamRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Rotterdam
- Datum uitspraak
- 20 januari 2025
- Datum publicatie
- 22 januari 2025
- Zaaknummer
- 11420112 VV EXPL 24-585
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Verbintenissenrecht
- Procedure
- Kort gedingKort gedingEen snelle procedure bij de voorzieningenrechter voor spoedeisende zaken, met een voorlopig oordeel.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBROT:2025:806
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Kort geding. Ontruiming toegewezen. Tijdens zitting hebben de partijen een ontruimingstermijn afgesproken.
Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
locatie Rotterdam
zaaknummer: 11420112 VV EXPL 24-585
datum uitspraak: 20 januari 2025
Vonnis in kort geding van de kantonrechter
in de zaak van
de vennootschap naar Luxemburgs recht,
Spring Properties C S.A.R.L.,
vestigingsplaats: Luxemburg, Luxemburg,
eiseres,
gemachtigde: mr. M.A. Visser,
tegen
[gedaagde] ,
woonplaats: Rotterdam,
gedaagde,
die zelf procedeert.
1 De procedure
Het dossier bestaat uit de dagvaarding van 11 december 2024, met bijlagen.
Op 6 januari 2025 heeft de kantonrechter de zaak tijdens een zitting met de partijen besproken.
2 De beoordeling
Waar gaat de zaak over?
[gedaagde] heeft een woning gehuurd van Spring Properties. Haar huurovereenkomst liep van 17 oktober 2022 tot en met 16 oktober 2024. Spring Properties wil de woning na die datum niet meer verhuren aan [gedaagde] . Zij stelt dat zij [gedaagde] daarom op 5 augustus 2024 heeft geïnformeerd dat de huurovereenkomst eindigt. [gedaagde] heeft tot nu toe de woning niet verlaten. Spring Properties eist daarom in deze procedure dat [gedaagde] wordt veroordeeld om de woning te ontruimen.
De eis wordt grotendeels toegewezen
Tijdens de zitting hebben [gedaagde] en Spring Properties afgesproken dat [gedaagde] de woning binnen drie maanden zal ontruimen. Deze drie maanden gingen in op de dag van de zitting. Dat betekent dat de kantonrechter [gedaagde] veroordeelt om de woning uiterlijk 6 april 2025 te ontruimen.
De kantonrechter neemt in de veroordeling niet op dat de ontruiming zo nodig door de deurwaarder kan worden bewerkstelligd, zoals Spring Properties heeft geëist. In de wet staat namelijk al dat de deurwaarder dat mag (artikel 556 Rv). Daarbij kan de deurwaarder de hulp van politie en justitie inroepen (artikel 444 en 557 Rv).
De partijen dragen hun eigen proceskosten
De kantonrechter bepaalt dat de partijen de eigen proceskosten dragen. Dat betekent dat zij geen vergoeding hoeven te betalen voor de kosten die de andere partij heeft gemaakt. De reden daarvan is dat zij dit tijdens de zitting hebben afgesproken.
Dit vonnis is uitvoerbaar bij voorraad
Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard, omdat Spring Properties dat eist en [gedaagde] daar geen bezwaar tegen heeft gemaakt (artikel 233 Rv). Dat betekent dat het vonnis meteen mag worden uitgevoerd, ook als één van de partijen aan een hogere rechter vraagt om de zaak opnieuw te beoordelen.
3 De beslissing
De kantonrechter:
veroordeelt [gedaagde] om de woning op het adres [adres] in Rotterdam uiterlijk 6 april 2025 te ontruimen, met alle personen en zaken die zich daar vanwege [gedaagde] bevinden, en de woning leeg en in overeenstemming met de huurovereenkomst met alle sleutels ter beschikking van Spring Properties te stellen;
bepaalt dat de partijen de eigen proceskosten dragen;
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
wijst al het andere af.
Dit vonnis is gewezen door mr. M. Fiege en in het openbaar uitgesproken.
33394