Strafrecht overig
Artikel 6 Wegenverkeerswet. Zeer onvoorzichtig rijgedrag. De verdachte heeft met zijn motorfiets, op een…
Rechtbank Rotterdam, 20 april 2017
ECLI:NL:RBROT:2017:4049 · Rechtbank Rotterdam · 20 april 2017
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-rotterdam/strafrecht/strafrecht-overig/eerste-aanleg-meervoudig/ecli-nl-rbrot-2017-4049
Zaakgegevens
Op 20 april 2017 heeft de Rechtbank Rotterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Rechtbank RotterdamRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Rotterdam
- Datum uitspraak
- 20 april 2017
- Datum publicatie
- 29 mei 2017
- Zaaknummer
- 10/682146-16
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudigMeervoudige kamerDe zaak is behandeld door drie rechters samen, meestal omdat zij ingewikkeld of zwaar is.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBROT:2017:4049
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Artikel 6 Wegenverkeerswet. Zeer onvoorzichtig rijgedrag. De verdachte heeft met zijn motorfiets, op een voorsorteerstrook voor linksaf, een auto ingehaald om vervolgens toch rechtdoor te rijden. Hij heeft daarbij de maximum snelheid overschreden. De verdachte heeft vervolgens een overstekende fietser aangereden. Het slachtoffer heeft daardoor zwaar lichamelijk letsel opgelopen.
Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
Team straf 3
Parketnummer: 10/682146-16
Datum uitspraak: 20 april 2017
Tegenspraak
Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:
[naam verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats verdachte] op [geboortedatum verdachte] ,
ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres:
[adres verdachte] , [woonplaats verdachte] .
1 Onderzoek op de terechtzitting
Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 6 april 2017.
2 Tenlastelegging
Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.
3 Eis officier van justitie
De officier van justitie mr. L. Visser heeft gevorderd:
-
bewezenverklaring van het primair ten laste gelegde;
-
veroordeling van de verdachte tot een taakstraf van 160 uren, subsidiair 80 dagen hechtenis, alsmede tot een ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen (OBM) voor de duur van 1 (één) jaar.
4 Waardering van het bewijs
Bewezenverklaring
In bijlage II heeft de rechtbank de inhoud van wettige bewijsmiddelen opgenomen, houdende voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Op grond daarvan, en op grond van de redengevende inhoud van het voorgaande, is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het primair ten laste gelegde heeft begaan op die wijze dat:
hij op 26 mei 2016 te Gorinchem als verkeersdeelnemer, namelijk
als bestuurder van een motorrijtuig (motorfiets), zich zodanig heeft gedragen
dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft plaatsgevonden door
met dat motorrijtuig zeer onvoorzichtig en
onoplettend en onachtzaam en met aanmerkelijke verwaarlozing van de te
dezen geboden zorgvuldigheid te rijden op de voor het openbaar verkeer
openstaande weg, de [straatnaam 2] ,
welk genoemd rijgedrag hierin heeft bestaan dat hij, verdachte, toen daar,
met een snelheid gelegen tussen 66 en 86 km/uur, zijnde een (veel) hogere
snelheid dan de aldaar toegestane maximumsnelheid van 50 km/uur, heeft gereden
en
met die (veel) te hoge snelheid een personenauto ter hoogte van de kruising
van die [straatnaam 2] met de [straatnaam 1] via een voorsorteerstrook voor
linksaf heeft ingehaald en vervolgens op die kruising rechtdoor is gereden en
(aldus rijdende) zijn snelheid niet zodanig heeft geregeld dat hij, verdachte,
zijn voertuig kon afremmen of tot stilstand brengen binnen de afstand waarover
hij de weg kon overzien en waarover deze vrij was en
niet (tijdig) heeft opgemerkt dat een fietser doende was de rijbaan van die [straatnaam 2] van rechts naar links (gezien vanuit verdachte) over te steken via de fietsersoversteekplaats en die [straatnaam 2] (inmiddels) voor een groot deel was overgestoken, en
die fietser niet heeft laten voorgaan en
(vervolgens) in botsing is gekomen met die fietser, die als gevolg daarvan ten val is gekomen,
waardoor die fietser, genaamd [naam slachtoffer] , zwaar lichamelijk letsel
(te weten een schedelbreuk) werd toegebracht.
Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.
5 Strafbaarheid feit
Het bewezen feit levert op:
overtreding van artikel 6 van de Wegenverkeerswet 1994, terwijl het een ongeval betreft waardoor een ander lichamelijk letsel wordt toegebracht.
Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten.
Het feit is dus strafbaar.
6 Strafbaarheid verdachte
Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit.
De verdachte is dus strafbaar.
7 Motivering straf
Algemene overweging
De straffen die aan de verdachte worden opgelegd, zijn gegrond op de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het feit is begaan en de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.
Feit waarop de straffen zijn gebaseerd
De verdachte heeft een verkeersongeval veroorzaakt door zich zeer onvoorzichtig in het verkeer te gedragen. De verdachte heeft met zijn motorfiets, op een voorsorteerstrook voor linksaf, een auto ingehaald om vervolgens toch rechtdoor te rijden. De verdachte heeft voor en tijdens deze inhaalmanoeuvre zijn snelheid aanzienlijk opgevoerd: hij reed daarbij met een snelheid tussen de 66 en 86 kilometer per uur terwijl de maximumsnelheid 50 kilometer per uur bedroeg. De verdachte heeft vervolgens een overstekende fietser aangereden. Het slachtoffer heeft daardoor zwaar lichamelijk letsel opgelopen.
Persoonlijke omstandigheden van de verdachte
Strafblad
De rechtbank heeft acht geslagen op een uittreksel uit de justitiële documentatie van 10 maart 2017, waaruit blijkt dat de verdachte niet eerder is veroordeeld voor soortgelijke strafbare feiten.
Gevolgen voor de verdachte
De rechtbank houdt rekening met het feit dat verdachte door de botsing ook zelf fors letsel heeft opgelopen en mede naar aanleiding van het ongeval met depressieve klachten kampt en nu in de Ziektewet zit.
Conclusies van de rechtbank
Gelet op hetgeen de rechtbank hierboven heeft overwogen, komt zij tot de volgende conclusies.
Alles afwegend wordt, conform de eis van de officier van justitie, een taakstraf alsmede de bijkomende straf ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen, passend en geboden geacht. Rekening houdende met de persoonlijke omstandigheden van de verdachte en als stok achter de deur, zal de ontzegging deels voorwaardelijk worden opgelegd.
8 Toepasselijke wettelijke voorschriften
Gelet is op de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 6, 175 en 179 van de Wegenverkeerswet 1994.
9 Bijlagen
De in dit vonnis genoemde bijlagen maken deel uit van dit vonnis.
10 Beslissing
De rechtbank:
verklaart bewezen, dat de verdachte het primair ten laste gelegde feit, zoals hiervoor omschreven, heeft begaan;
verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;
stelt vast dat het bewezen verklaarde oplevert het hiervoor vermelde strafbare feit;
verklaart de verdachte strafbaar;
veroordeelt de verdachte tot een taakstraf voor de duur van 160 (honderdzestig) uren, waarbij de Reclassering Nederland dient te bepalen uit welke werkzaamheden de taakstraf dient te bestaan;
beveelt dat, voor het geval de veroordeelde de taakstraf niet naar behoren verricht, vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 80 dagen;
ontzegt de verdachte de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de tijd van 12 (twaalf) maanden;
bepaalt dat van deze bijkomende straf een gedeelte, groot 6 (zes) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechtbank later anders mocht gelasten, omdat de veroordeelde voor het einde van de proeftijd, die hierbij wordt gesteld op 2 (twee) jaar, na te melden voorwaarde overtreedt;
stelt als algemene voorwaarde dat de veroordeelde zich vóór het einde van de proeftijd niet aan een strafbaar feit zal schuldig maken.
Dit vonnis is gewezen door:
mr. G.M. Munnichs, voorzitter,
en mrs. A.A.T. Werner en A. van Luijck, rechters,
in tegenwoordigheid van R. van Andel, griffier,
en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op 20 april 2017.
De jongste rechter is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.
Bijlage I
Tekst tenlastelegging
Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat
hij op of omstreeks 26 mei 2016 te Gorinchem als verkeersdeelnemer, namelijk
als bestuurder van een motorrijtuig (motorfiets), zich zodanig heeft gedragen
dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft plaatsgevonden door
met dat motorrijtuig zeer, althans aanmerkelijk, onvoorzichtig en/of
onoplettend en/of onachtzaam en/of met aanmerkelijke verwaarlozing van de te
dezen geboden zorgvuldigheid te rijden op de voor het openbaar verkeer
openstaande weg, de [straatnaam 2] ,
welk genoemd rijgedrag hierin heeft bestaan dat hij, verdachte, toen daar,
met een snelheid gelegen tussen 66 en 86 km/uur, zijnde een (veel) hogere
snelheid dan de aldaar toegestane maximumsnelheid van 50 km/uur, heeft gereden
en/of
met die (veel) te hoge snelheid een personenauto ter hoogte van de kruising
van die [straatnaam 2] met de [straatnaam 1] via een voorsorteerstrook voor
linksaf heeft ingehaald en/of (vervolgens) op die kruising rechtdoor is
gereden en/of
(aldus rijdende) zijn snelheid niet zodanig heeft geregeld dat hij, verdachte,
zijn voertuig kon afremmen of tot stilstand brengen binnen de afstand waarover
hij de weg kon overzien en waarover deze vrij was en/of
niet (tijdig) heeft opgemerkt dat een fietser (inmiddels) doende was de
rijbaan van die [straatnaam 2] van rechts naar links (gezien vanuit verdachte) over
te steken via de fietsersoversteekplaats en die [straatnaam 2] (inmiddels) voor een
groot deel was overgestoken, en/of
die fietser niet heeft laten voorgaan en/of
(vervolgens) op die kruising in botsing of aanrijding is gekomen met die
fietser, die als gevolg daarvan ten val is gekomen,
waardoor die fietser, genaamd [naam slachtoffer] , zwaar lichamelijk letsel
(te weten een schedelbreuk, bloedophoping in de schedel buiten de hersenen en
een handbreuk) of zodanig lichamelijk letsel werd toegebracht, dat daaruit
tijdelijke ziekte of verhindering in de uitoefening van de normale bezigheden
is ontstaan;
Subsidiair, voorzover het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou
kunnen leiden:
hij op of omstreeks 26 mei 2016 te Gorinchem als bestuurder van een
motorrijtuig (motorfiets), daarmee rijdende op de voor het openbaar verkeer
openstaande weg, de [straatnaam 2] , zich zodanig heeft gedragen dat gevaar op die
weg werd veroorzaakt, althans kon worden veroorzaakt, en/of het verkeer op die
weg werd gehinderd, althans kon worden gehinderd;
welk gedrag hierin heeft bestaan dat hij, verdachte, toen daar,
met een snelheid gelegen tussen 66 en 86 km/uur, zijnde een (veel) hogere
snelheid dan de aldaar toegestane maximumsnelheid van 50 km/uur, heeft gereden
en/of
met die (veel) te hoge snelheid een personenauto ter hoogte van de kruising
van die [straatnaam 2] met de [straatnaam 1] via een voorsorteerstrook voor
linksaf heeft ingehaald en/of (vervolgens) op die kruising rechtdoor is
gereden en/of
(aldus rijdende) zijn snelheid niet zodanig heeft geregeld dat hij, verdachte,
zijn voertuig kon afremmen of tot stilstand brengen binnen de afstand waarover
hij de weg kon overzien en waarover deze vrij was en/of
niet (tijdig) heeft opgemerkt dat een fietser (inmiddels) doende was de
rijbaan van die [straatnaam 2] van rechts naar links (gezien vanuit verdachte) over
te steken via de fietsersoversteekplaats en die [straatnaam 2] (inmiddels) voor een
groot deel was overgestoken, en/of
die fietser niet heeft laten voorgaan toen die de [straatnaam 2] (inmiddels) voor
een groot deel was overgestoken, en/of
(vervolgens) op die kruising in botsing of aanrijding is gekomen met die
fietser;