Strafrecht overig

Vrijspraak van opruiing tegen huisarts die wordt beschuldigd van sympathie voor Gülen. Onduidelijk of bericht…

Rechtbank Rotterdam, 19 december 2019

Zaakgegevens

Op 19 december 2019 heeft de Rechtbank Rotterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Zittingsplaats
Rotterdam
Datum uitspraak
19 december 2019
Datum publicatie
23 december 2019
Zaaknummer
10/742045-18
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2019:10231
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Vrijspraak van opruiing tegen huisarts die wordt beschuldigd van sympathie voor Gülen. Onduidelijk of bericht op Facebook “jullie kunnen hem in het gezicht spugen” in het Turks letterlijk moet worden genomen of in figuurlijke zin betekent: ter correctie aanspreken zoals in het Nederlands “op de vingers tikken”. Daarbij speelt mee dat de aangever heeft verklaard dat het bericht luidt: “een grote klodder fluim op hem spugen”, maar dat wordt niet door de vertalingen door tolken ondersteund.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team straf 1

Parketnummer: 10/742045-18

Datum uitspraak: 19 december 2019

Tegenspraak

Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:

[naam verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats verdachte] (Turkije) op [geboortedatum verdachte] ,

ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres [adres verdachte] , [woonplaats verdachte] ,

raadsvrouw mr. J.M. Veldman, advocaat te Breda.

1 Onderzoek op de terechtzitting

Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 10 december 2019.

2 Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.

3 Eis officier van justitie

De officier van justitie mr. M. Luijpen heeft gevorderd:

  • bewezenverklaring van het tenlastegelegde;

  • veroordeling van de verdachte tot een taakstraf voor de duur van 40 uren, te vervangen door 20 dagen hechtenis.

4 Waardering van het bewijs

4.1.

Vrijspraak

Tegen de verdachte is aangifte gedaan wegens bedreiging en belediging, hetgeen heeft geresulteerd in een dagvaarding wegens opruiing door het plaatsen van een bericht op Facebook. Het bericht van de verdachte is vertaald door een beëdigde tolk en deze vertaling luidt: “Jullie moeten deze eerloze persoon kennen. Hij is zelf arts bij [naam gezondheidsinstelling] . Maar ga absoluut niet boos worden en aanstalten maken om hem in elkaar te slaan. Want dan wordt deze (bastaard) - die zijn eigen volk een aanrander noemt - voor vol aangezien en gaat men jullie een straf en zo opleggen. Maar jullie kunnen hem wel op een flinke wijze in zijn gezicht spugen”.

Nu in het gezicht spugen heeft te gelden als een belediging, heeft de verdachte hiermee in beginsel opgewekt tot het plegen van een strafbaar feit. De verdachte heeft echter verklaard dat “in het gezicht spugen” in de Turkse taal niet letterlijk moet worden genomen. Hij heeft ter onderbouwing van zijn standpunt een schriftelijke verklaring overgelegd van [naam tolk/vertaler] , volgens die verklaring beëdigd vertaler in de Turkse taal. Deze heeft opgemerkt dat het bericht van de verdachte inderdaad letterlijk inhoudt “in het gezicht spugen”, maar dat dit figuurlijk is bedoeld en eigenlijk betekent ”stevig op de vingers tikken”. Na ampel beraad komt de rechtbank tot het oordeel dat aldus niet buiten elke redelijke twijfel is komen vast te staan dat de verdachte heeft opgewekt tot het beledigen van de aangever. Daarbij heeft de rechtbank ook meegewogen dat er weliswaar aangifte door een aangever met een Turkse achtergrond tegen de verdachte is gedaan, maar dat daar tegenover staat dat de aangever heeft verklaard dat de verdachte zou hebben geschreven: “Maar jullie kunnen wel een grote klodder fluim op hem spugen”. De grote klodder fluim keert niet terug in de vertalingen van de door de politie en de verdachte geraadpleegde tolken.

Anders dan de officier van justitie, oordeelt de rechtbank dat het ten lastegelegde niet wettig en overtuigend bewezen kan worden. De verdachte zal worden vrijgesproken van de gehele tenlastelegging.

5 Bijlage

De in dit vonnis genoemde bijlage maakt deel uit van dit vonnis.

6 Beslissing

De rechtbank:

verklaart niet bewezen, dat de verdachte het tenlastegelegde feit heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Dit vonnis is gewezen door:

mr. J.L.M. Boek, voorzitter,

en mrs. S.E.C. Debets en D. van Putten, rechters,

in tegenwoordigheid van M.M. Cerpentier, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op 19 december 2019.

Bijlage I

Tekst tenlastelegging

Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat

hij

in of omstreeks de periode 15 juli 2016 tot en met 27 juli 2016

te Rotterdam en/of elders in Nederland

in het openbaar mondeling, bij geschrift en/of bij afbeelding tot enig

strafbaar feit en/of gewelddadig optreden tegen het openbaar gezag heeft

opgeruid,

immers heeft verdachte (in de Turkse taal) op/via Facebook, in elk geval via

sociale media (een) bericht(en) geplaatst en/of verspreid met de tekst(en):

"Jullie moeten deze eerloze persoon kennen. Hij is zelf arts bij [naam gezondheidsinstelling] . Maar

ga absoluut niet boos worden en aanstalten maken om hem in elkaar te slaan.

Want dan wordt deze (bastaard) - die zijn eigen volk een aanrander noemt -

voor vol aangezien en gaat men jullie een straf en zo opleggen. Maar jullie

kunnen hem wel op een flinke wijze in zijn gezicht spugen", althans een tekst

met gelijke aard en/of strekking.