Strafrecht overig

Officier van justitie niet-ontvankelijk verklaard in de vervolging van vennootschap. Pas nadat de…

Rechtbank Rotterdam, 14 oktober 2021

Zaakgegevens

Op 14 oktober 2021 heeft de Rechtbank Rotterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Zittingsplaats
Rotterdam
Datum uitspraak
14 oktober 2021
Datum publicatie
14 oktober 2021
Zaaknummer
10/994354-18 en 10/994450-19
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2021:10002
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Officier van justitie niet-ontvankelijk verklaard in de vervolging van vennootschap. Pas nadat de rechtspersoon was opgehouden te bestaan is de vervolging aangevangen.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team straf 1

Parketnummers: 10/994354-18 en 10/994450-19

Datum uitspraak: 14 oktober 2021

Verstek

Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige economische kamer voor strafzaken, in de gevoegde zaken tegen de verdachte rechtspersoon:

[naam verdachte rechtspersoon],

gevestigd aan de [adres verdachte rechtspersoon]

.

1. Onderzoek op de terechtzitting

Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 30 september 2021.

2. Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaardingen. De tekst van de tenlasteleggingen is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.

De verdachte wordt kort gezegd verweten dat zij zonder vergunning Aceton heeft uitgevoerd naar Syrië terwijl hiervoor een vergunning vereist was op grond van de Sanctiewet 1977.

3. Ontvankelijkheid officier van justitie

3.1.

Standpunt officier van justitie

De officier van justitie mr. T.R. van Roomen heeft gevorderd het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk te verklaren in beide zaken.

3.2.

Beoordeling

Het recht tot strafvordering van het Openbaar Ministerie van een rechtspersoon vervalt indien de rechtspersoon is opgehouden te bestaan voordat de strafvervolging is begonnen. De rechtspersoon heeft in dit geval opgehouden te bestaan op het moment dat dit voor derden kenbaar is.

Blijkens een uittreksel van de Kamer van Koophandel van 19 augustus 2021 is de verdachte rechtspersoon met ingang van 11 december 2019 ontbonden, hetgeen diezelfde dag is geregistreerd bij de Kamer van Koophandel. Dat betekent dat vanaf die dag voor derden kenbaar was dat de verdachte rechtspersoon was opgehouden te bestaan. Pas nadien, op 15 januari 2020, is de vervolging van de verdachte rechtspersoon aangevangen door een brief van de officier van justitie waarin zij de verdachte rechtspersoon in kennis stelde van haar voornemen de rechtspersoon te dagvaarden in beide zaken. De rechtbank is met de officier van justitie van oordeel dat de officier van justitie niet-ontvankelijk is in de vervolging van de verdachte rechtspersoon.

4. Bijlagen

De in dit vonnis genoemde bijlagen maken deel uit van dit vonnis.

5. Beslissing

De rechtbank:

verklaart de officier van justitie niet-ontvankelijk in de vervolging van [naam verdachte rechtspersoon]

Dit vonnis is gewezen door:

mr. D.C.J. Peeck, voorzitter,

en mrs. J.C. Tijink en S.W.H. Bootsma, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. M. Koek, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op de datum die in de kop van dit vonnis is vermeld.

Dejongste rechter en griffier zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.

Bijlage I

Tekst tenlasteleggingen

Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat

10/994354-18

zij, [naam verdachte rechtspersoon] (voorheen [naam bedrijf]), in of

omstreeks de periode van 31 oktober 2016 tot en met 10 november 2016, in de

gemeente Rotterdam, althans in Nederland en/of in (deel)gemeente Beveren en/of

Antwerpen, althans in België,

al dan niet opzettelijk, apparatuur en/of (een) goed(eren) en/of technologie

die voor binnenlandse repressie zou(den) kunnen worden gebruikt, als genoemd

in bijlage IX van Verordening 36/2012 van de Raad van 18 januari 2012, meer

specifiek IX.A1.004, geïsoleerd chemisch welbepaalde verbindingen als bedoeld

in aantekening 1 bij de hoofdstukken 28 en 29 van de gecombineerde

nomenclatuur, in een concentratie van 90% of meer, te weten:

- 38,4 MT aceton (CAS RN 67-64-1) (GN-code 2914 11 00)

zonder voorafgaand verkregen vergunning,

direct of indirect heeft verkocht en/of geleverd en/of heeft overgedragen

en/of geëxporteerd ten behoeve van een Syrische persoon, entiteit en/of

lichaam en/of bestemd voor gebruik in Syrië, te weten [naam].

10/994450-19

zij, [naam verdachte rechtspersoon] (voorheen [naam bedrijf]), op een of

meerdere tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 maart 2017 tot en met

23 mei 2017, in de gemeente Rotterdam, althans in Nederland en/of in Rusland,

al dan niet opzettelijk, apparatuur en/of (een) goed(eren) en/of technologie

die voor binnenlandse repressie zou(den) kunnen worden gebruikt, als genoemd

in bijlage IX van Verordening 36/2012 van de Raad van 18 januari 2012, meer

specifiek IX.A1.004, geïsoleerd chemisch welbepaalde verbindingen als bedoeld

in aantekening 1 bij de hoofdstukken 28 en 29 van de gecombineerde

nomenclatuur, in een concentratie van 90% of meer, te weten:

-89.6 Metric Ton (MT) aceton (bijlage 2.5, 26)

zonder voorafgaand verkregen vergunning,

direct of indirect heeft verkocht en/of geleverd en/of heeft overgedragen

en/of geëxporteerd ten behoeve van een Syrische persoon en/of entiteit en/of

lichaam en/of bestemd voor gebruik in Syrië, te weten [naam].