Strafrecht overig

Vrijspraak ontucht minderjarige. Belastende verklaring van (vermeende) slachtoffer tegen ontkennende…

Rechtbank Rotterdam, 20 juni 2024

Zaakgegevens

Op 20 juni 2024 heeft de Rechtbank Rotterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Zittingsplaats
Rotterdam
Datum uitspraak
20 juni 2024
Datum publicatie
15 juli 2024
Zaaknummer
10/280086-23
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2024:6515
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Vrijspraak ontucht minderjarige. Belastende verklaring van (vermeende) slachtoffer tegen ontkennende verklaring van verdachte. Weliswaar enig steunbewijs, echter onvoldoende overtuigend om buiten gerede twijfel te kunnen vaststellen dat verdachte zich aan ten laste gelegde heeft schuldig gemaakt.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team straf 2

Parketnummer: 10/280086-23

Datum uitspraak: 20 juni 2024

Verstek

Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum 1],

ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres:

[adres].

1 Onderzoek op de terechtzitting

Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 20 juni 2024.

2 Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.

3 Eis officier van justitie

De officier van justitie mr. K.W. van Damme heeft gevorderd:

  • bewezenverklaring van het ten laste gelegde;

  • veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van vier maanden met aftrek van voorarrest.

4 Vrijspraak

Anders dan de officier van justitie is de rechtbank van oordeel dat de verdachte dient te worden vrijgesproken van het ten laste gelegde. Het is de belastende verklaring van het (vermeende) zesjarige slachtoffer tegen de ontkennende verklaring van de verdachte. De rechtbank is van oordeel dat in het dossier weliswaar enig steunbewijs aanwezig is, bijvoorbeeld de verklaring van het vierjarige zusje van het slachtoffer. Echter is de rechtbank van oordeel dat dit steunbewijs – nu niet bekend is waar de wetenschap van het zusje vandaan komt – onvoldoende overtuigend is om buiten gerede twijfel te kunnen vaststellen dat de verdachte zich aan het ten laste gelegde heeft schuldig gemaakt.

De verdachte zal dan ook worden vrijgesproken.

5 Bijlagen

De in dit vonnis genoemde bijlage maakt deel uit van dit vonnis.

6 Beslissing

De rechtbank:

verklaart niet bewezen, dat de verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Dit vonnis is gewezen door:

mr. A.M.H. Geerars, voorzitter,

en mrs. S. van Driel en S. Woudman-Bijl, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. K. Dere, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting op de datum die in de kop van dit vonnis is vermeld.

De oudste rechter en jongste rechter zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.

Bijlage I

Tekst tenlastelegging

Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat

hij op of omstreeks 24 juni 2023 te Dordrecht,

met [slachtoffer], geboren op [geboortedatum 2] 2016, die toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd, te weten

- wrijven en/of knijpen en/of betasten van de borsten van die [slachtoffer] en/of

- wrijven en/of betasten van de vagina en/of schaamstreek van die [slachtoffer].