Strafrecht overig
Vrijspraak. Onvoldoende bewijs.
Rechtbank Rotterdam, 28 november 2025
ECLI:NL:RBROT:2025:15499 · Rechtbank Rotterdam · 28 november 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-rotterdam/strafrecht/strafrecht-overig/eerste-aanleg-meervoudig/ecli-nl-rbrot-2025-15499
Zaakgegevens
Op 28 november 2025 heeft de Rechtbank Rotterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Rechtbank RotterdamRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Rotterdam
- Datum uitspraak
- 28 november 2025
- Datum publicatie
- 26 januari 2026
- Zaaknummer
- 10-072099.23
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudigMeervoudige kamerDe zaak is behandeld door drie rechters samen, meestal omdat zij ingewikkeld of zwaar is.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBROT:2025:15499
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Vrijspraak. Onvoldoende bewijs.
Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
Meervoudige kamer strafzaken
Parketnummers: 10.072099.23
Datum uitspraak: 28 november 2025
Datum zitting: 14 november 2025
Tegenspraak
Verdachte: [verdachte],
geboren op [geboortedatum] 1978 in [geboorteplaats] ( [geboorteland] ),
ingeschreven op het adres [adres] [postcode] [woonplaats] .
Advocaat van de verdachte: mr. T. Altindag
Officier van justitie: mr. F.J. van der Putte
1 Tenlastelegging
De officier van justitie beschuldigt de verdachte ervan dat hij - samengevat - zich samen met anderen heeft bezig gehouden met de handel in harddrugs (primair) en/of die harddrugs in bezit hebben (subsidiair). De volledige tenlastelegging (hierna beschuldiging) houdt in dat:
hij in of omstreeks de periode van 21 oktober 2022 tot en met 7 december 2022 te Rotterdam en/of Schiedam, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens) opzettelijk heeft bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd, in elk geval (telkens) opzettelijk aanwezig heeft gehad (een) handels- en/of gebruikershoeveelhe(i)d(en) van een materiaal bevattende heroïne en/of cocaïne en/of MDMA, zijnde heroïne en/of cocaïne en/of MDMA (telkens) een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet, waarvan het bereiden/bewerken/verwerken/aanwezig hebben in ieder geval blijkt uit de aanwezigheid van verdovende middelen
in een pand aan de [adres delict 1] te Rotterdam, te weten
-
11064,9 gram, althans een hoeveelheid, heroïne en/of
-
25,2 gram, althans een hoeveelheid, cocaïne en/of
een pand aan de [adres delict 2] te Rotterdam, te weten
-
363,4 gram, althans een hoeveelheid pillen bevattende, MDMA en/of
-
87,7 gram, althans een hoeveelheid, poeder bevattende MDMA en/of
-
491,2 gram, althans een hoeveelheid, heroïne en/of
-
1,4 gram, althans een hoeveelheid, cocaïne en/of
een pand aan de [adres delict 3] te Rotterdam, te weten
2,6 gram, althans een hoeveelheid, cocaïne en/of
een pand aan het [adres delict 4] te Schiedam, te weten
3000 gram, althans een hoeveelheid, heroïne
en/of de verkoop/afleveren blijkt uit het aantreffen van 104,32 gram, althans een hoeveelheid, cocaïne aan [persoon A] .
2 Vrijspraak
Vordering van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte moet worden veroordeeld voor de handel in harddrugs.
Oordeel van de rechtbank
Het dossier bevat onvoldoende concrete bewijsmiddelen om voldoende betrokkenheid van de verdachte bij de handel in harddrugs (primair) vast te kunnen stellen. Dit geldt ook voor het bezit van harddrugs. Op basis van het dossier kan niet worden vastgesteld dat hij wetenschap en beschikkingsmacht heeft gehad over de in de beschuldiging genoemde hoeveelheden harddrugs (subsidiair). De verdachte wordt dus integraal vrijgesproken.
3 Beslissingen
De rechtbank: verklaart niet bewezen dat de verdachte het feit, zowel primair als subsidiair, heeft gepleegd en spreekt de verdachte daarvan vrij.
4 Samenstelling rechtbank en ondertekening
Dit vonnis is gewezen door:
mr. E. IJspeerd, voorzitter,
en mrs. J.H. Janssen en M.T.A. de Ridder, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. J. Soeteman, griffier,
en uitgesproken op de openbare zitting van deze rechtbank op 28 november 2025.