Personen- en familierecht

Voortzetting IBS gelijktijdig met 1e RM aanvraag. Afwijzing voortzetting IBS

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 31 oktober 2024

Zaakgegevens

Op 31 oktober 2024 heeft de Rechtbank Zeeland-West-Brabant uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Zittingsplaats
Middelburg
Datum uitspraak
31 oktober 2024
Datum publicatie
16 december 2024
Zaaknummer
C/02/428081 / FA RK 24-4994
Procedure
Rekestprocedure
ECLI
ECLI:NL:RBZWB:2024:8653
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Voortzetting IBS gelijktijdig met 1e RM aanvraag. Afwijzing voortzetting IBS

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht

Locatie Middelburg

Zaaknummer: C/02/428081 / FA RK 24-4994

Datum uitspraak: 31 oktober 2024

Beschikking voortzetting inbewaringstelling

op het verzoek van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) voor

[betrokkene] ,

geboren op [geboortedag] 1937 in [geboorteplaats],

hierna te noemen betrokkene,

wonend in [plaats],

advocaat mr. M.A. Breewel-Witteveen te Goes.

1 Het verloop van de procedure

1.1.

De rechtbank neemt de volgende stukken mee in haar beoordeling:

- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 28 oktober 2024.

1.2.

De mondelinge behandeling met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 31 oktober 2024. Daarbij zijn gehoord:

  • betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat, mr. M.A.J. Timmermans-Roelands, waarnemend voor mr. M.A. Breewel-Witteveen;

  • mevrouw [naam 1], klinisch geriater;

  • mevrouw [naam 2], physisian assistent;

  • mevrouw [naam 3], verpleegkundige.

2 Het verzoek

2.1.

Het CIZ verzoekt de rechtbank voor betrokkene een machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling te verlenen.

3 De beoordeling

3.1.

Op 28 oktober 2023 heeft het CIZ een verzoek ingediend tot het verlenen van een rechterlijke machtiging (zaaknummer C/02/428082 / FA RK 24/4995)

3.2.

Op 31 oktober 2024 heeft de rechtbank Zeeland-West-Brabant de verzoeken tot het verlenen van een machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling en het verlenen van een rechterlijke machtiging gelijktijdig behandeld.

De rechtbank heeft conform bestendig gebruik de meest verstrekkende maatregel, de rechterlijke machtiging, beoordeeld. Om die reden is er geen belang meer bij een beoordeling van het verzoek tot voorzetting van de inbewaringstelling. De rechtbank zal het verzoek tot het verlenen van een machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling dan ook afwijzen en een (aparte) beslissing nemen op het verzoek tot het verlenen van een rechterlijke machtiging.

4 De beslissing

De rechtbank:

4.1.

wijst het verzoek af.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 31 oktober 2024 door mr. Smits, rechter, in aanwezigheid van mr. Brok, griffier en op schrift gesteld op 14 november 2024.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.