Verbintenissenrecht
Vordering tot ontruiming woning wegens overlast jegens omwonenden en medewerkers van de woningstichting…
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 5 februari 2025
ECLI:NL:RBZWB:2025:745 · Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 5 februari 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-zeeland-west-brabant/civiel-recht/verbintenissenrecht/kort-geding/ecli-nl-rbzwb-2025-745
Zaakgegevens
Op 5 februari 2025 heeft de Rechtbank Zeeland-West-Brabant in kort geding uitspraak gedaan in een zaak over verbintenissenrecht.
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-BrabantRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Tilburg
- Datum uitspraak
- 5 februari 2025
- Datum publicatie
- 12 februari 2025
- Zaaknummer
- 11499859 VV EXPL 25-6 (E)
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Verbintenissenrecht
- Procedure
- Kort gedingKort gedingEen snelle procedure bij de voorzieningenrechter voor spoedeisende zaken, met een voorlopig oordeel.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBZWB:2025:745
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Vordering tot ontruiming woning wegens overlast jegens omwonenden en medewerkers van de woningstichting. Vordering bij verstek toegewezen.
Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Tilburg
Zaaknummer: 11499859 \ VV EXPL 25-6
Vonnis in kort geding van 5 februari 2025
in de zaak van
de STICHTING WONENBREBURG,
gevestigd te Tilburg,
eisende partij,
hierna te noemen: Wonenbreburg,
gemachtigde: mr. M.M. de Cock,
tegen
[huurder] ,
wonende te [plaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [huurder] ,
niet verschenen.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 21 januari 2025 met producties 1 tot en met 12;
- de door Wonenbreburg nagezonden producties 13 tot en met 15;
- de mondelinge behandeling op 29 januari 2025 waarvan door de griffier zittingsaantekeningen zijn gemaakt.
2 Het geschil en de beoordeling
Wonenbreburg vordert dat [huurder] wordt veroordeeld:
-
om binnen acht dagen na betekening van het te wijzen vonnis de woning aan [adres] te ontruimen met alle personen en goederen welke zich op of in die woning bevinden en de woning in goede staat en met overgave van de sleutels (overeenkomstig het bepaalde in de huurovereenkomst en de algemene huurvoorwaarden die daarop van toepassing zijn) ter vrije en algehele beschikking van Wonenbreburg te stellen, vanwege de ernstige wanprestatie in de nakoming van zijn verplichtingen uit de huurovereenkomst en de wet;
-
in de kosten van de procedure, waaronder nakosten, en vermeerderd met de wettelijke rente.
[huurder] is, hoewel behoorlijk gedagvaard met inachtneming van de bij de wet voorgeschreven termijnen en formaliteiten, niet ter zitting verschenen, zodat tegen hem verstek is verleend.
In deze procedure dient te worden beoordeeld of Wonenbreburg een spoedeisend belang heeft bij de gevorderde voorziening en of aannemelijk is dat de vordering van Wonenbreburg in een bodemprocedure een zodanige kans van slagen heeft dat het - mede gelet op de belangen van partijen over en weer - gerechtvaardigd is om op de toewijzing daarvan vooruit te lopen door het treffen van de voorziening zoals gevorderd.
Voldoende gebleken is dat Wonenbreburg een spoedeisend belang heeft bij de door haar gevorderde ontruiming door het gestelde gedrag van [huurder] jegens omwonenden en medewerkers die zich daardoor niet veilig voelen.
Wonenbreburg legt aan haar vordering tot ontruiming ten grondslag dat [huurder] tekort schiet in de nakoming van zijn verplichtingen uit de huurovereenkomst door structureel ernstige overlast te veroorzaken en het aanspreken van [huurder] daarop niet tot verbetering heeft geleid. Wonenbreburg stelt dat de overlast door [huurder] sinds een jaar extremer is geworden en bestaat uit verbaal en agressief gedrag naar medewerkers door hen uit te schelden en niet met respect te behandelen. Wonenbreburg stelt dat medewerkers hierdoor niet of nauwelijks nog werkzaamheden durven uit te oefenen in het complex waar [huurder] woont. Daarnaast stelt Wonenbreburg dat [huurder] naar meerdere omwonenden geluidsoverlast en agressief gedrag vertoont met zijn hond waardoor er angst is bij die omwonenden, en dat [huurder] niet open staat voor hulpverlening en hulpverlening ook nooit heeft plaatsgevonden. Wonenbreburg stelt dat [huurder] schade aan haar eigendommen heeft veroorzaakt door in april 2024 zijn voordeur met een koevoet open te breken. Op 10 januari 2025 heeft hij met een hakbijl vernielingen aangericht aan het kantoor van de huismeester van het complex door ramen en de toegangsdeur in te slaan alsmede een andere ruit in het tussenportaal, en ook ruiten van zijn eigen woning ingeslagen.
[huurder] heeft het gestelde niet weersproken. De kantonrechter is van oordeel dat de overgelegde producties onderbouwen dat er sprake is van ernstige en structurele overlast door [huurder] richting omwonenden én medewerkers van Wonenbreburg. Hierdoor is voorshands aannemelijk dat een bodemrechter in een procedure desgevraagd de huurovereenkomst zal ontbinden en ontruiming zal toewijzen. De kantonrechter zal de gevorderde ontruiming, die niet onrechtmatig of ongegrond voorkomt, dan ook toewijzen.
[huurder] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Wonenbreburg worden begroot op:
|
- kosten van de dagvaarding |
€ |
145,45 |
|
|
- griffierecht |
€ |
135,00 |
|
|
- salaris gemachtigde |
€ |
543,00 |
|
|
- nakosten |
€ |
135,00 |
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing) |
|
Totaal |
€ |
958,45 |
3 De beslissing
De kantonrechter
veroordeelt [huurder] om binnen acht dagen na betekening van dit vonnis de woning aan [adres] te ontruimen met alle personen en goederen die zich in die woning bevinden en de woning in goede staat en met overgave van de sleutels (overeenkomstig het bepaalde in de huurovereenkomst en de algemene huurvoorwaarden die daarop van toepassing zijn) ter vrije en algehele beschikking van Wonenbreburg te stellen,
veroordeelt [huurder] in de proceskosten van € 958,45, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [huurder] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. Sterk en in het openbaar uitgesproken op 5 februari 2025.