Civiel recht overig

De standpunten van partijen laten geen andere conclusie toe dan dat er sprake is van zodanig gewijzigde…

Rechtbank Zutphen, 4 april 2011

Zaakgegevens

Op 4 april 2011 heeft de Rechtbank Zutphen in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Zutphen
Datum uitspraak
4 april 2011
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
441648 HA VERZ 11-46
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBZUT:2011:BQ4339
E-mail

Samenvatting

De standpunten van partijen laten geen andere conclusie toe dan dat er sprake is van zodanig gewijzigde omstandigheden dat het redelijk en billijk is de arbeidsovereenkomst te ontbinden.

Uitspraak

RECHTBANK ZUTPHEN

Sector Kanton - Locatie Apeldoorn

Zaaknummer: 441648 HA VERZ 11-46

grosse aan : mr. J. Langerhuizen

afschrift aan : mr. F.A. Chorus en mr. J. Langerhuizen

verzonden d.d.:

beschikking van de kantonrechter d.d. 4 april 2011

in de zaak van verzoekster:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

BAM Wegen B.V. Regio Oost,

statutair gevestigd te Utrecht,

gemachtigde: mr. F.A. Chorus, 1054 ES Amsterdam, Stadhouderskade 14 a,

tegen verweerder:

[verweerder],

wonende te [plaats],

gemachtigde: mr. J. Langerhuizen, te 6900 AE Zevenaar, Postbus 243.

Motivering

Het verzoek strekt tot ontbinding van de tussen partijen bestaande arbeidsovereenkomst wegens gewichtige redenen als omschreven in het verzoekschrift.

Niet is gebleken van het bestaan van enig opzegverbod dat aan toewijzing van het verzoek in de weg staat.

De standpunten van partijen laten geen andere conclusie toe dan dat thans sprake is van zodanig gewijzigde omstandigheden als bedoeld in art. 7:685 van het Burgerlijk Wetboek dat het redelijk en billijk is de onderhavige arbeidsovereenkomst te ontbinden op de na te melden termijn.

Het verzet van verweerder tegen de gevraagde ontbinding treft derhalve geen doel.

Gelet op de omstandigheden van het geval en in aanmerking genomen dat de verandering van omstandigheden in de risicosfeer van verzoekster ligt, komt aan verweerder ter zake van de ontbinding billijkheidshalve een vergoeding toe. De verzoekster heeft zich bereid verklaard de hierna te omschrijven vergoeding -welke dezerzijds redelijk wordt geacht- aan verweerder te betalen. Nu partijen aldus in kennis zijn gesteld van het voornemen in bovenstaande zin te beslissen en verzoekster te kennen heeft gegeven af te zien van de bevoegdheid het verzoek in te trekken, is aan art. 7:685 BW voldaan, zodat terstond de eindbeschikking kan worden gegeven.

In de omstandigheden van het geval wordt aanleiding gevonden iedere partij met de eigen kosten belast te laten.

Beslissing

De tussen partijen bestaande arbeidsovereenkomst wordt ontbonden met ingang van

1 mei 2011.

Aan verweerder wordt ten laste van verzoekster een vergoeding toegekend bestaande uit

€ 75.000,00 bruto.

Iedere partij blijft belast met de eigen proceskosten.

Deze beschikking is gegeven door mr. K.R. Kuiken, en in het openbaar uitgesproken op maandag 4 april 2011 in tegenwoordigheid van de griffier.