574 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigConclusie AG over het bewijs van diefstal (daderschap, medeplegen, onaannemelijke verklaring verdachte). De…
Parket bij de Hoge Raad|15 januari 2019|ECLI:NL:PHR:2019:23
hoogste zes jaren, maar dat is ingevolge art. 311, eerste lid aanhef en onder 5°, Sr eveneens het wettelijk strafmaximum dat is gesteld op diefstal met braak. Het op de gedragingen
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigOntneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.
Rechtbank Noord-Holland|19 februari 2016|ECLI:NL:RBNHO:2016:1349
schriftelijk gevorderd dat de rechtbank het bedrag als bedoeld in artikel 36e, lid 5 Sr zal vaststellen op € 1.500.000,- en dat aan veroordeelde de verplichting zal worden opgelegd tot betaling
- Strafrecht overigConclusie AG. Hennepteelt (art. 3.B Opiumwet), diefstal elektriciteit d.m.v. verbreking (art. 311.1.5 Sr) en…
Parket bij de Hoge Raad|15 september 2020|ECLI:NL:PHR:2020:783
feit is mede geënt op de strafbepaling van artikel 311 lid 1 onder 4° en 5° Sr. Het in die bepaling opgenomen bestanddeel ‘door twee of meer verenigde personen’ kan worden opgevat
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigDe rechtbank veroordeelt een 17-jarige verdachte tot een jeugddetentie van 230 dagen, waarvan 90 dagen…
Rechtbank Overijssel|23 juli 2026|ECLI:NL:RBOVE:2026:4731
gijzeling alsnog moet betalen. De rechtbank bepaalt daarom op grond van artikel 36f lid 5 Sr dat de duur van de gijzeling die met toepassing van artikel
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigDe verdachte heeft zich op zestienjarige leeftijd samen met haar medeverdachte schuldig gemaakt aan…
Rechtbank Den Haag|7 december 2023|ECLI:NL:RBDHA:2023:19141
niet is vereist dat de ander daadwerkelijk is uitgebuit. Artikel 273f, eerste lid, sub 5 Sr ziet op het strafbaar stellen van, voor zover thans van belang, het brengen van een minderjarige
- Strafrecht overigConclusie A-G. Vordering tot tenuitvoerlegging van een voorwaardelijk opgelegde straf wegens overtreding van…
Parket bij de Hoge Raad|29 oktober 2019|ECLI:NL:PHR:2019:1087
Conclusie A-G. Vordering tot tenuitvoerlegging van een voorwaardelijk opgelegde straf wegens overtreding van de algemene voorwaarde. De vordering is in deze zaak ingediend nadat het onderzoek op de terechtzitting was aangevangen maar voordat met de inhoudelijke behandeling van de zaak een begin was gemaakt. Daarover…
- Strafrecht overigHoger beroepMedeplegen moord. Niet is voor elk van de verdachten afzonderlijk kunnen worden vastgesteld welk aandeel zij…
Gerechtshof Den Haag|20 november 2025|ECLI:NL:GHDHA:2025:2393
Medeplegen moord. Niet is voor elk van de verdachten afzonderlijk kunnen worden vastgesteld welk aandeel zij precies hebben gehad in het (dodelijk) gepleegde geweld. Gebruik oud PBC-rapport. Tbs ondanks geen doorwerking vastgesteld en geen tbs advies in nieuw PBC-rapport.
- Strafrecht overigConclusie AG. Medeplegen hennepteelt, gewoontewitwassen en vernieling. M2 klaagt dat hof door verdachte bij…
Parket bij de Hoge Raad|11 maart 2025|ECLI:NL:PHR:2025:313
Conclusie AG. Medeplegen hennepteelt, gewoontewitwassen en vernieling. M2 klaagt dat hof door verdachte bij aangaan van huurovereenkomsten betaalde borgsommen in mindering had moeten brengen op toegewezen schadevorderingen wegens schade aan huurpanden. Middel faalt nu door of namens de verdachte geen beroep op…
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigOpmerking(en): mensenhandel, seksuele uitbuiting van minderjarig slachtoffer en het plegen van ontuchtige…
Rechtbank Amsterdam|21 juni 2018|ECLI:NL:RBAMS:2018:4378
minderjarige betreft volstrekt niet van belang. Ten aanzien van artikel 273f, eerste lid, sub 5 Sr De rechtbank is van oordeel dat verdachte ook [slachtoffer] ertoe heeft gebracht zich beschikbaar te stellen
- Strafrecht overigStrafmotivering. Toepassing LOVS-oriëntatiepunten. Hof heeft verdachte t.z.v. gekwalificeerde diefstal in een…
Parket bij de Hoge Raad|15 november 2016|ECLI:NL:PHR:2016:1441
Sr, in verbinding met art. 311, eerste lid, aanhef en onder 4° en onder 5°, Sr, is onder meer vereist dat de verdachte het desbetreffende goed heeft weggenomen. Daarvoor is nodig
- Strafrecht overigConclusie AG over mensenhandel (art. 273f Sr). Prostitutie minderjarige. Oogmerk van uitbuiting. Door het hof…
Parket bij de Hoge Raad|3 december 2019|ECLI:NL:PHR:2019:1223
merken als een impliciet bestanddeel van art. 273f, eerste lid aanhef en onder 5°, Sr”, kan worden uitgelegd en wat hiervan de gevolgen zijn voor onderdeel 2° van art. 273f Sr
- Strafrecht overigConclusie plv. AG. Valsheid in geschrift (art. 225 Sr) en verduistering in dienstbetrekking (art. 322 Sr)…
Parket bij de Hoge Raad|13 februari 2024|ECLI:NL:PHR:2024:148
gijzeling heeft bepaald op ten hoogste 365 dagen. Op grond van artikel 36f lid 5 Sr bepaalt de rechter bij de oplegging van de schadevergoedingsmaatregel de duur volgens welke met toepassing
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigmensenhandel; prostitutie 15-jarige; loverboy; artikel 273f Wetboek van Strafrecht
Rechtbank Den Haag|14 september 2022|ECLI:NL:RBDHA:2022:9213
geval is aan te merken als mensenhandel als bedoeld in artikel 273f lid 1 sub 5 Sr. Uit het dossier volgt immers dat deze foto’s bedoeld waren om middels een ‘premium
- Strafrecht overigOp tegenspraakVeroordeling voorbereidingshandelingen mensensmokkel, meermalen gepleegd. Taakstraf 240 uur. Gevangenisstraf…
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|30 april 2025|ECLI:NL:RBZWB:2025:2604
Sr, maximumstraf van tien jaren) en ‘terwijl levensgevaar te duchten was’ (artikel 197a, lid 5, Sr, maximumstraf van 15 jaren). Beroep of gewoonte maken Uit de jurisprudentie van de Hoge Raad volgt
- Strafrecht overigBehulpzaam zijn “bij” (simultaan) of “tot” (consecutief), art. 48 Sr? Vzv. de klacht berust op de opvatting…
Parket bij de Hoge Raad|24 maart 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BG4831
vraag aan de orde of de term "inklimming" (art. 311, eerste lid onder 5, Sr) indien gebruikt in een tenlastelegging voldoende feitelijke betekenis heeft. Uw Raad antwoordde dat het "inklimming" niet slechts
- Strafrecht overigConclusie AG. Overtreding art. 58b Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW). M1 klaagt…
Parket bij de Hoge Raad|7 juli 2026|ECLI:NL:PHR:2026:701
Conclusie AG. Overtreding art. 58b Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW). M1 klaagt dat hof in strijd met art. 55 lid 2 Sr ten onrechte toepassing heeft gegeven aan algemene strafbaarstelling uit art. 58b BABW terwijl betreffende gedrag specifieker strafbaar is gesteld in art. 58a lid 3 BABW.…
- Strafrecht overigBelaging van pleegouders van zijn zoon, art. 285b.1 Sr. Proeftijd, bijzondere voorwaarden. Is de bijzondere…
Parket bij de Hoge Raad|28 augustus 2018|ECLI:NL:PHR:2018:1122
bijzondere voorwaarden, het gedrag van de veroordeelde betreffende’ opgenomen in art. 14c, tweede lid, onder 5 Sr. De inhoud van deze gedragsvoorwaarde is echter ongewijzigd gebleven (vgl. Kamerstukken II 2009/10
- Strafrecht overigConclusie AG. Profijtontneming. Onderzoek ‘Monviso’. Voordeel uit valsheid in geschrift (art. 225 Sr). Middel…
Parket bij de Hoge Raad|7 januari 2025|ECLI:NL:PHR:2025:28
Conclusie AG. Profijtontneming. Onderzoek ‘Monviso’. Voordeel uit valsheid in geschrift (art. 225 Sr). Middel 1 over innerlijke tegenstrijdigheid voordeelberekening door enerzijds uit te gaan van ten onrechte in rekening gebrachte factuurbedragen, maar anderzijds aan te sluiten bij het winstaandeel van de betrokkene…
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigDe rechtbank acht bewezen dat er sprake is van medeplegen van moord, meermalen gepleegd, en medeplegen van…
Rechtbank Amsterdam|29 januari 2013|ECLI:NL:RBAMS:2013:CA4041
begaan - reeds ten tijde van de pleegdatum van bedoeld misdrijf straf was gesteld (art. 5 Sr). 2. Ontvankelijkheid van de officier van justitie 2.1 Niet-ontvankelijkheidsverweren in alle zaken 2.1.1 Algemeen juridisch
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigOntnemingsvonnis vastgesteld op een verkregen voordeel van € 3.831.515,57.
Rechtbank Oost-Brabant|27 maart 2025|ECLI:NL:RBOBR:2025:2652
vaststellen van het bedrag waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel als bedoeld in art. 36e, lid 5, Sr wordt geschat op een totaalbedrag van € 20.039.998,12 en tot het opleggen van een verplichting
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.