Socialezekerheidsrecht
Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 5 september 2012, LJN BX7647.
Centrale Raad van Beroep, 23 januari 2013
ECLI:NL:CRVB:2013:BZ0248 · Centrale Raad van Beroep · 23 januari 2013
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/centrale-raad-van-beroep/bestuursrecht/socialezekerheidsrecht/hoger-beroep/ecli-nl-crvb-2013-bz0248
Zaakgegevens
Op 23 januari 2013 heeft de Centrale Raad van Beroep in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over socialezekerheidsrecht.
- Instantie
- Centrale Raad van BeroepCentrale Raad van BeroepDe hoogste bestuursrechter voor sociale zekerheid en ambtenarenzaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 23 januari 2013
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 10-3628 AWBZ-R
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Socialezekerheidsrecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:CRVB:2013:BZ0248
Samenvatting
Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 5 september 2012, LJN BX7647.
Procesgang
Uitspraak · 2010
ECLI:NL:RBROT:2010:2910Centrale Raad van Beroep · 23 januari 2013deze uitspraak
ECLI:NL:CRVB:2013:BZ0248
Overig
Uitspraak
10/3628 AWBZ-R
Centrale Raad van Beroep
Meervoudige kamer
Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 5 september 2012, 10/3628 AWBZ
Partijen:
CAK B.V. (het CAK)
[A. te B. ] (betrokkene)
Datum uitspraak: 23 januari 2013
PROCESVERLOOP
De Raad heeft vastgesteld dat zijn uitspraak van 5 september 2012, 10/3628 (aangevallen uitspraak) een kennelijke fout in de beslissing bevat.
De Raad heeft daarin aanleiding gezien partijen in de gelegenheid te stellen zich schriftelijk uit te laten over een rectificatie van de uitspraak.
Het CAK heeft van die gelegenheid gebruik gemaakt.
Bij brief van 12 december 2012 heeft het CAK bericht geen bezwaar te hebben tegen de voorgenomen rectificatie.
OVERWEGINGEN
1. Artikel 22, derde lid, van de Beroepswet bepaalt dat indien het bestuursorgaan hoger beroep heeft ingesteld en de uitspraak van de rechtbank in stand wordt gelaten van de desbetreffende rechtspersoon een griffierecht van € 448,-- wordt geheven.
2.1. De Raad stelt vast dat de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 12 mei 2010, 09/4208, in de aangevallen uitspraak in stand is gelaten. Hij stelt tevens vast dat in de aangevallen uitspraak onder “Beslissing” van het CAK geen griffierecht is geheven. De Raad zal dat verzuim herstellen en bepalen dat van het CAK alsnog een griffierecht van € 448,-- wordt geheven.
2.2. De Raad maakt van de gelegenheid gebruik om de woonplaats van betrokkene te wijzigen van [C.] naar [B.].
3. Aan deze uitspraak tot rectificatie is een gerectificeerd exemplaar van de oorspronkelijke uitspraak gehecht. De gerectificeerde uitspraak zal worden gepubliceerd op rechtspraak.nl en de oorspronkelijke uitspraak zal daaruit worden verwijderd. Het LJN-nummer van de gerectificeerde uitspraak zal gelijk zijn aan dat van de oorspronkelijke uitspraak.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep rectificeert zijn uitspraak van 5 september 2012, 10/3628 AWBZ, als volgt:
- wijzigt de woonplaats van betrokkene van [C.] naar [B.];
- bepaalt dat van het CAK een griffierecht van € 448,-- wordt geheven.
Deze uitspraak is gedaan door R.M. van Male als voorzitter en H.J. de Mooij en M.I. ’t Hooft als leden, in tegenwoordigheid van P.J.M. Crombach als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 23 januari 2013.
(getekend) R.M. van Male
(getekend) P.J.M. Crombach