Socialezekerheidsrecht

Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 20 december 2018, 16/6687 WAO…

Centrale Raad van Beroep, 27 maart 2019

Zaakgegevens

Op 27 maart 2019 heeft de Centrale Raad van Beroep in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over socialezekerheidsrecht.

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
27 maart 2019
Datum publicatie
1 april 2019
Zaaknummer
16/6687 WAO-R
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2019:1112
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 20 december 2018, 16/6687 WAO, ECLI:NL:CRVB:2018:4191, Zie ECLI:NL:CRVB:2018:4323 voor de gerectificeerde tekst.

Uitspraak

16/6687 WAO-R

Datum uitspraak: 27 maart 2019

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 20 december 2018, 16/6687 WAO

Partijen:

[Appellante] te [woonplaats] (appellante)

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)

PROCESVERLOOP

Mr. G.G. Mostert heeft vastgesteld dat in de uitspraak van de Raad van 20 december 2018 ten onrechte niet de kosten van het medisch onderzoek uitgevoerd door J.J. Nasheed-Linssen, arts n.p., ten bedrage van € 1.050,-, zijn meegenomen in de vergoeding van de proceskosten.

De Raad heeft daarin aanleiding gezien partijen in de gelegenheid te stellen zich schriftelijk uit te laten over een rectificatie van de uitspraak.

Het Uwv heeft een reactie gegeven.

OVERWEGINGEN

De Raad wijzigt de uitspraak van 20 december 2018 als volgt.

Pagina 6, overweging 5, wordt:

Er is aanleiding het Uwv op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht te veroordelen in de kosten van appellante voor verleende rechtsbijstand. Deze kosten worden begroot op € 1.252,50 in bezwaar, € 1.002,- in beroep en € 1.002,- in hoger beroep. Voorts komen de kosten die appellante heeft moeten maken voor het medisch onderzoek uitgevoerd door J.J. Nasheed-Linssen, arts n.p., ten bedrage van € 1.050,- voor vergoeding in aanmerking. De reiskosten in hoger beroep worden begroot op € 45,-. De proceskosten die voor vergoeding in aanmerking komen bedragen in totaal € 4.351,50.

Pagina 6, onder BESLISSING, wordt:

De Centrale Raad van Beroep

- vernietigt de aangevallen uitspraak;

- verklaart het beroep gegrond en vernietigt het besluit van 1 december 2015;

- draagt het Uwv op een nieuwe beslissing op bezwaar te nemen met inachtneming van deze

uitspraak en bepaalt dat beroep tegen dit besluit slechts bij de Raad kan worden ingesteld;

- veroordeelt het Uwv in de kosten van appellante, tot een bedrag van in totaal € 4.351,50;

- bepaalt dat het Uwv appellante het in beroep en in hoger beroep betaalde griffierecht

vergoedt, tot een bedrag van in totaal € 170,-.

Aan deze uitspraak tot rectificatie is een gerectificeerd exemplaar van de oorspronkelijke uitspraak gehecht. De gerectificeerde uitspraak zal worden gepubliceerd op rechtspraak.nl.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep rectificeert zijn uitspraak van 20 december 2018, 16/6687 WAO, als in de overwegingen is weergegeven.

Deze uitspraak is gedaan door A.T. de Kwaasteniet, in tegenwoordigheid van M.D.F. de Moor als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 27 maart 2019.

(getekend) A.T. de Kwaasteniet

(getekend) M.D.F de Moor

VC