Bestuursrecht overig

Rectificatie van ECLI:NL:CBB:2021:1090

College van Beroep voor het bedrijfsleven, 18 januari 2022

Zaakgegevens

Op 18 januari 2022 heeft het College van Beroep voor het bedrijfsleven in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.

Instantie
College van Beroep voor het bedrijfsleven
Zittingsplaats
Den Haag
Datum uitspraak
18 januari 2022
Datum publicatie
18 januari 2022
Zaaknummer
20/899R
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:CBB:2022:33
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Rectificatie van ECLI:NL:CBB:2021:1090

Uitspraak

uitspraak

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN

zaaknummer: 20/899R

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 18 januari 2022 tot rectificatie van de uitspraak van 21 december 2021 in de zaak tussen

[naam 1] , te [plaats] , appellante,

en

de minister van Economische Zaken en Klimaat, verweerder

(gemachtigde: mr. C.J.M. Daniels en mr. S. van Rijn).

Procesverloop

Het College heeft vastgesteld dat zijn uitspraak van 21 december 2021 met zaaknummer 20/899 (ECLI:NL:CBB:2021:1090) een kennelijke onjuistheid bevat.

Overwegingen

Het College heeft in het procesverloop opgenomen dat [naam 2] namens appellante ter zitting is verschenen. Dit is onjuist: namens appellante was [naam 3] aanwezig. Nu de uitspraak een kennelijke en voor een eenvoudig herstel vatbare onjuistheid bevat, bestaat aanleiding de uitspraak op dit punt te rectificeren.

Het College wijzigt de uitspraak van 21 december 2021 als volgt.

“Procesverloop

(…)

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 13 december 2021. Namens appellante is verschenen [naam 3] . Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigden.”

Aan deze uitspraak tot rectificatie is een gerectificeerd exemplaar van de oorspronkelijke uitspraak gehecht. De gerectificeerde uitspraak zal worden gepubliceerd op rechtspraak.nl.

Beslissing

Het College rectificeert zijn uitspraak van 21 december 2021 als in de overwegingen is weergegeven.

Deze uitspraak is gedaan door mr. B. Bastein, in aanwezigheid van mr. A.A. Dijk, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 18 januari 2022.

De voorzitter en de griffier zijn niet in de gelegenheid deze uitspraak te ondertekenen.