Bestuursrecht overig
Arubaanse zaak. Termijn voor indienden beroepschrift bedraagt 6 wken en gaat in op de dag na die, waarop de…
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, 20 november 2013
ECLI:NL:OGHACMB:2013:71 · Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba · 20 november 2013
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gemeenschappelijk-hof-van-justitie-van-aruba-curacao-sint-maarten-en-van-bonaire-sint-eustatius-en-saba/bestuursrecht/bestuursrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-oghacmb-2013-71
Zaakgegevens
Op 20 november 2013 heeft het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.
- Datum uitspraak
- 20 november 2013
- Datum publicatie
- 15 december 2014
- Zaaknummer
- HLAR 63993/13
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Bestuursrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:OGHACMB:2013:71
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Arubaanse zaak. Termijn voor indienden beroepschrift bedraagt 6 wken en gaat in op de dag na die, waarop de beslissing op het bezwaarschrift is gedagtekend. In casu wordt de termijnoverschrijving niet verschoonbaar geachte en heeft het GEA volgens het Hof het beroep terecht niet ontvankelijke verklaard.
Uitspraak
HLAR 63993/13
Datum uitspraak: 20 november 2013
gemeenschappelijk hof van jusTitie
van aruba, CURAÇAO, SINT MAARTEN
EN VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA
PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak op het hoger beroep van:
[Appellante], wonend in Aruba,
appellante,
tegen de uitspraak van het Gerecht in eerste aanleg van Aruba van 5 december 2012 in zaak nr. LAR nr. 2449 van 2012 in het geding tussen:
appellante
en
de minister van Economische Zaken, Sociale Zaken en Cultuur.
Openbare zitting op 20 november 2013 om 11.00 uur.
Tegenwoordig:
mr. J.Th. Drop, voorzitter
mr. R.W.L. Loeb, lid
mr. A.W.M. Bijloos, lid
mr. N.A. Martines, griffier
Verschenen:
De minister van Economische Zaken, Sociale Zaken en Cultuur, vertegenwoordigd door mr. V.M. Emerencia, H. Tromp en I. Orman, allen werkzaam in dienst van het land.
Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba:
bevestigt de aangevallen uitspraak.
Daartoe overweegt het als volgt:
-
Ingevolge artikel 27, eerste lid, van de Landsverordening administratieve rechtspraak (hierna: de Lar) bedraagt de termijn voor het indienen van een beroepschrift zes weken en gaat deze in op de dag na die, waarop de beslissing op het bezwaarschrift is gedagtekend.
Ingevolge artikel 28, derde lid, blijft ten aanzien van een na afloop van de termijn ingediend beroepschrift niet-ontvankelijkverklaring op die grond achterwege, indien de indiener aannemelijk maakt dat hij het geschrift heeft ingediend, zo spoedig als dit redelijkerwijs verlangd kon worden en het tegendeel daarvan niet blijkt. -
Het Gerecht heeft terecht overwogen dat de termijn van 42 dagen voor het instellen van beroep, nu deze op 4 juli 2012 is aangevangen, op 14 augustus 2012 is geëindigd. Nu het beroepschrift niet binnen die termijn is ingediend, appellante in hoger beroep niet langer feiten en omstandigheden stelt ten betoge dat deze termijnoverschrijding verschoonbaar is en van zodanige feiten of omstandigheden ook niet is gebleken, heeft het Gerecht het beroep terecht wegens het overschrijden van de voor het instellen ervan gestelde termijn niet-ontvankelijk verklaard.
-
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
|
w.g. Drop voorzitter |
w.g. Martines griffier |
Verzonden:
Voor eensluidend afschrift,
de griffier,
voor deze,