Arbeidsrecht
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba · Eerste aanleg - enkelvoudig · Arbeidsrecht
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba, 11 december 2018
ECLI:NL:OGEAA:2018:803 · Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba · 11 december 2018
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerecht-in-eerste-aanleg-van-aruba/civiel-recht/arbeidsrecht/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-ogeaa-2018-803
Zaakgegevens
Op 11 december 2018 heeft het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over arbeidsrecht.
- Instantie
- Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Datum uitspraak
- 11 december 2018
- Datum publicatie
- 3 januari 2019
- Zaaknummer
- AUA201802274
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Arbeidsrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:OGEAA:2018:803
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
arbeidsrecht, verstek
Uitspraak
Beschikking van 11 december 2018
Behorend bij EJ nr. AUA201802274
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
BESCHIKKING
in de zaak van:
[NAAM VERZOEKSTER],
wonende te Aruba, [ADRES]
VERZOEKSTER, hierna: [VERZOEKSTER],
procederend in persoon,
tegen:
[NAAM VERWEERSTER],
gevestigd te [ADRES] in Aruba,
VERWEERSTER, hierna: [VERWEERSTER],
niet verschenen.
1 DE PROCEDURE
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift met producties, ingediend op 27 juli 2018;
- het exploot van betekening d.d. 5 oktober 2018, waarbij [VERWEERSTER] wederom is opgeroepen om op 30 oktober 2018 een verweerschrift in te dienen en te verschijnen voor de behandeling. [VERWEERSTER] is, ondanks behoorlijke oproeping, niet verschenen.
De beschikking is bepaald op heden.
2 HET VERZOEK
VERZOEKSTER] verzoekt - naar het gerecht begrijpt - bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren beschikking:
-
[VERWEERSTER] te bevelen om het loon door te betalen vanaf februari 2018 totdat de arbeidsovereenkomst op rechtsgeldige wijze is beëindigd, vermeerderd met de vertragingsrente vanaf 1 februari 2018;
-
[VERWEERSTER] te veroordelen in de kosten van de procedure.
VERZOEKSTER] grondt de vordering erop dat het ontslag op staande voet een dringende reden ontbeert.
VERWEERSTER] heeft geen verweer gevoerd.
3 DE BEOORDELING
VERWEERSTER] heeft geen gebruik gemaakt van de aan haar aangeboden mogelijkheid om verweer te voeren. Nu er van de zijde van [VERWEERSTER] geen verweer is gevoerd gaat het gerecht ervan uit dat het ontslag op staande voet nietig is omdat de vereiste dringende ontbreekt. Om deze reden is het verzochte toewijsbaar, met dien verstande dat de vertragingsrente ex artikel 7A:1614q BW wordt gematigd tot 15%.
VERWEERSTER] zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van de procedure, tot op heden begroot op Afl. 50,- griffierecht.
4 DE BESLISSING
De rechter:
veroordeelt [VERWEERSTER] om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan [VERZOEKSTER] haar loon, vermeerderd met 15% vertragingsrente, te betalen vanaf 1 februari 2018 totdat de arbeidsovereenkomst op rechtsgeldige wijze is beëindigd,
veroordeelt [VERWEERSTER] in de kosten, aan de zijde van [VERZOEKSTER] begroot op Afl. 50,00 griffierecht;
verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is gegeven door mr. Y.M. Vanwersch, rechter in dit gerecht en werd in het openbaar uitgesproken op dinsdag 11 december 2018, in tegenwoordigheid van de griffier.