Strafrecht overig

Verklaart het openbaar ministerie ter zake van het tenlastegelegde niet-ontvankelijk in de vervolging in…

Zaakgegevens

Op 26 november 2025 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
26 november 2025
Datum publicatie
12 december 2025
Zaaknummer
23-000489-22
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2025:3328
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Verklaart het openbaar ministerie ter zake van het tenlastegelegde niet-ontvankelijk in de vervolging in verband met het overlijden van de verdachte.

Uitspraak

Inhoudsopgave

afdeling strafrecht

parketnummer: 23-000489-22

datum uitspraak: 26 november 2025

Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Holland van 17 februari 2022 in de strafzaak onder parketnummer 15-024673-19 tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1947.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van
26 november 2025.

Tegen voormeld vonnis is namens de verdachte hoger beroep ingesteld.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot de niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie in de vervolging.

Ontvankelijkheid van het openbaar ministerie in de vervolging

Blijkens een op 1 juli 2025 door de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente Katwijk opgemaakte akte van overlijden, nr. [nummer] , is de verdachte op 14 juni 2025 overleden.

Daarom is ingevolge het bepaalde bij artikel 69 van het Wetboek van Strafrecht het recht tot strafvordering vervallen en dient het openbaar ministerie, overeenkomstig de vordering van de advocaat-generaal, niet-ontvankelijk te worden verklaard in de strafvervolging.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht.

Verklaart het openbaar ministerie ter zake van het tenlastegelegde niet-ontvankelijk in de vervolging.

Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. R.D. van Heffen, mr. M.F.J.M. de Werd en mr. P. Greve, in tegenwoordigheid van mr. N.M. Simons, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 26 november 2025.

De jongste raadsheer is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.