Strafrecht overig
Verdachte is overleden. Niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie in de vervolging.
ECLI:NL:GHAMS:2026:2254 · Gerechtshof Amsterdam · 13 augustus 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghams-2026-2254
Zaakgegevens
Op 13 augustus 2026 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 13 augustus 2026
- Datum publicatie
- 13 augustus 2026
- Zaaknummer
- 23-002001-25
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2026:2254
Samenvatting
Verdachte is overleden. Niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie in de vervolging.
Uitspraak
Inhoudsopgave
afdeling strafrecht
parketnummer: 23-002001-25
datum uitspraak: 30 juli 2026
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 21 augustus 2025 in gevoegde strafzaken onder de parketnummers 15-165352-25, 15-140978-25, 21-003659-21, 15-265084-23 en 15-080584-23 (TUL) tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1982.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 30 juli 2026 en naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal.
Ontvankelijkheid van het openbaar ministerie
Blijkens een op 15 juni 2026 door de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente Zaanstad opgemaakte akte van overlijden, met aktenummer [nummer] , is de verdachte op 15 mei 2026 overleden.
Daarom is ingevolge het bepaalde bij artikel 69 van het Wetboek van Strafrecht het recht tot strafvordering vervallen en dient het openbaar ministerie, overeenkomstig de vordering van de advocaat-generaal, niet-ontvankelijk te worden verklaard in de strafvervolging.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart het openbaar ministerie ter zake van het tenlastegelegde niet-ontvankelijk in de vervolging.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. H.A. Stalenhoef, mr. M.F.J.M. de Werd en mr. J.F.C. Schnitzler, in tegenwoordigheid van mr. S. den Hartog, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 30 juli 2026.
mr. M.F.J.M. de Werd en mr. J.F.C. Schnitzler zijn buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.