Strafrecht overig
De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan opzettelijk valse bankbiljetten uitgeven en diefstal…
ECLI:NL:GHDHA:2023:3017 · Gerechtshof Den Haag · 6 november 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-den-haag/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghdha-2023-3017
Zaakgegevens
Op 6 november 2023 heeft het Gerechtshof Den Haag in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof Den HaagGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Den Haag
- Datum uitspraak
- 6 november 2023
- Datum publicatie
- 7 januari 2026
- Zaaknummer
- 22-002900-22
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHDHA:2023:3017
Samenvatting
De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan opzettelijk valse bankbiljetten uitgeven en diefstal. Gepubliceerd naar aanleiding arrest van de Hoge Raad.
Procesgang
Gerechtshof Den Haag · 6 november 2023deze uitspraak
ECLI:NL:GHDHA:2023:3017
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 7 oktober 2025
ECLI:NL:PHR:2025:1024Hoge Raad · 25 november 2025
ECLI:NL:HR:2025:1780
Uitspraak
Inhoudsopgave
Gerechtshof Den Haag
enkelvoudige kamer voor strafzaken
Rolnummer: 22-002900-22
Parketnummers: 09-080935-21, 09-199802-22 en
09-044801-22 (tul)
TEGENSPRAAK
Uitspraak van mr. L. Verheij van 6 november 2023 in de zaak tegen de verdachte:
naam: [verdachte] ,
voornamen: [voornamen verdachte] ,
geboren op [geboortedatum] 1979 te [geboorteplaats] ( [land] ),
[verblijfplaats] .
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep ten aanzien van de strafoplegging en de beslissing ten aanzien van de vordering tenuitvoerlegging en doet in zoverre opnieuw recht.
Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 5 (vijf) weken.
Bepaalt dat de gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.
Verlengt de proeftijd als vermeld in het vonnis van de politierechter in de rechtbank Den Haag van 23 februari 2022, parketnummer 09-044801-22, met een termijn van
1 (één) jaar.
Bevestigt het vonnis waarvan beroep voor het overige.
mr. L. Verheij