Strafrecht overig
Beschikking voorlopige hechtenis 2 zie ook ECLI:NL:GHDHA:2014:2587
ECLI:NL:GHDHA:2014:2588 · Gerechtshof Den Haag · 4 augustus 2014
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-den-haag/strafrecht/strafrecht-overig/raadkamer/ecli-nl-ghdha-2014-2588
Zaakgegevens
Op 4 augustus 2014 heeft het Gerechtshof Den Haag uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof Den HaagGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- 's-Gravenhage
- Datum uitspraak
- 4 augustus 2014
- Datum publicatie
- 4 augustus 2014
- Zaaknummer
- 703814.a
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- RaadkamerRaadkamerEen zitting die niet openbaar is, bijvoorbeeld over voorlopige hechtenis of een klacht over niet-vervolging.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHDHA:2014:2588
Samenvatting
Beschikking voorlopige hechtenis 2
zie ook ECLI:NL:GHDHA:2014:2587
Uitspraak
RAADKAMER
Gerechtshof Den Haag
Voorlopige hechtenis
Parketnummer: 09-767038-14
Gezien de akte van de griffier van de rechtbank Den Haag van 17 juli 2014 waarbij door de Officier van justitie in de zaak tegen
|
Naam |
[verdachte] |
|
Geboren |
[geboortedag] 1996 te [geboorteplaats] |
|
Thans verblijvende in |
[detentieadres] |
hoger beroep is ingesteld tegen de beschikking d.d. 9 juli 2014 van de rechtbank Den Haag
houdende afwijzing bevel tot gevangenhouding t.a.v. feit 2 en 3.
Gezien de beschikking waarvan beroep.
Gehoord de advocaat-generaal en verdachte, bijgestaan door diens raadsvrouwe, mr. M. Buruma.
Nu de advocaat-generaal zich in raadkamer primair op het standpunt heeft gesteld zich te verzetten tegen opheffing van het bevel tot gevangenhouding van de verdachte en te kennen heeft gegeven slechts geen bezwaar te hebben tegen uitzetting van de verdachte uit Nederland in het geval dat genoemd bevel evenwel wordt opgeheven, ziet het hof geen aanleiding het openbaar ministerie, zoals verzocht door de verdediging, niet-ontvankelijk te verklaren in het hoger beroep tegen de afwijzing van het bevel tot gevangenhouding als voornoemd.
Naar het oordeel van het hof blijkt uit feiten en omstandigheden – zoals deze tijdens het voorbereidend onderzoek en het onderzoek in raadkamer naar voren zijn gekomen – van ernstige bezwaren tegen de verdachte, hieronder mede begrepen het versturen en plaatsen van berichten op sociale media met als doel een ander te bewegen zich bij een gewapende strijd te voegen, inhoudende dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de feiten 1, 2 en 3 zoals vermeld in de vordering tot gevangenhouding d.d. 9 juli 2014. Gelet op het voorgaande moet tevens ernstig rekening worden gehouden met de omstandigheid dat de verdachte een misdrijf zal begaan, waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van zes jaar of meer is gesteld en/of waardoor de veiligheid of de gezondheid van personen in gevaar kan worden gebracht, zodat een gewichtige reden van maatschappelijke veiligheid de voortduring van vrijheidsbeneming van de verdachte vordert. Het voorgaande leidt het hof tot de conclusie dat de bezwaren en de grond die tot het bevel tot bewaring van de verdachte hebben geleid, ook thans nog bestaan en tevens zien op de feiten 2 en 3.
Overwegende, dat het hof zich grotendeels verenigt met de bestreden beschikking en de gronden, waarop deze berust.
Beschikkende:
Wijst het hoger beroep toe.
Aldus gedaan op 4 augustus 2014
door mr. B. van Walderveen, voorzitter, mr. J.J.I. Verburg en mr. H.A. van Brummen, raadsheren, in tegenwoordigheid van E. Looye - van Tol en mr. R.T. Poort, griffier, en door de voorzitter en griffiers ondertekend.
……………………………………………… ………………………………………………
De advocaat-generaal bij dit gerechtshof gelast de tenuitvoerlegging van vorenstaande beschikking en brengt deze ter kennis van verzoeker.
Den Haag, 4 augustus 2014
De advocaat-generaal,