Civiel recht overig

Art. 81 lid 1 RO. Arbeidsrecht. Onzorgvuldig declaratiegedrag werknemer in leidinggevende functie, dringende…

Hoge Raad, 23 januari 2015

Zaakgegevens

Op 23 januari 2015 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
23 januari 2015
Datum publicatie
23 januari 2015
Zaaknummer
14/00693
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
mr. S.F Sagel, mr. R.A.A. Duk
ECLI
ECLI:NL:HR:2015:114
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Arbeidsrecht. Onzorgvuldig declaratiegedrag werknemer in leidinggevende functie, dringende reden voor ontslag op staande voet? Art. 7:677 en 7:678 BW. Verwijzing naar schadestaatprocedure, mogelijkheid om bijkomende schade te vorderen na inroepen nietigheid ontslag.

Procesgang

  1. Rechtbank Arnhem · 23 maart 2012

    ECLI:NL:RBARN:2012:BW0206
  2. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 24 september 2013

    ECLI:NL:GHARL:2013:7072

    (Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaan

  3. Conclusie A-G · 14 november 2014

    ECLI:NL:PHR:2014:2192
  4. Hoge Raad · 23 januari 2015deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2015:114

    Conclusie gevolgd · Bekrachtiging/bevestiging

Uitspraak

23 januari 2015

Eerste Kamer

nr. 14/00693

LZ/TT

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

de STICHTING KATHOLIEKE UNIVERSITEIT,
gevestigd te Nijmegen,

EISERES tot cassatie,

advocaat: mr. S.F. Sagel,

t e g e n

[verweerder],
wonende te [woonplaats], Verenigde Staten,

VERWEERDER in cassatie,

advocaat: mr. R.A.A. Duk.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de Stichting en [verweerder].

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de vonnissen in de zaak 627300\CV EXPL 09-55503 van de kantonrechter te Nijmegen van 16 juli 2010, 18 maart 2011, 2 december 2011 en 23 maart 2012;

b. het arrest in de zaak 200.108.275 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 24 september 2013.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft de Stichting beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

[verweerder] heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot verwerping van het beroep.

De advocaat van de Stichting heeft bij brief van 28 november 2014 op die conclusie gereageerd.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt de Stichting in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op € 1.933,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de vice-president F.B. Bakels als voorzitter en de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, C.E. Drion, G. de Groot en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 23 januari 2015.