Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Contractenrecht. Bedrijfsschade bij callcenter door het afsluiten van telefoonlijnen door…
Hoge Raad, 30 oktober 2015
ECLI:NL:HR:2015:3192 · Hoge Raad · 30 oktober 2015
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2015-3192
Zaakgegevens
Op 30 oktober 2015 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 30 oktober 2015
- Datum publicatie
- 30 oktober 2015
- Zaaknummer
- 14/04648
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. F.E Vermeulen, mr. K. Teuben
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2015:3192
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Contractenrecht. Bedrijfsschade bij callcenter door het afsluiten van telefoonlijnen door provider. Omvang rechtsstrijd in appel; devolutieve werking. Causaal verband. Misbruik economische machtspositie en/of bevoegdheid door provider? Omvang schade.
Procesgang
Gerechtshof Den Haag · 10 juni 2014
ECLI:NL:GHDHA:2014:1862Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 14 augustus 2015
ECLI:NL:PHR:2015:1666Hoge Raad · 30 oktober 2015deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2015:3192
Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg · Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Uitspraak
30 oktober 2015
Eerste Kamer
14/04648
RM/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
PROFESSIONAL BUSINESS SERVICES GROUP B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
EISERES tot cassatie, verweerster in het voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep,
advocaat: mr. F.E. Vermeulen,
t e g e n
1. KPN B.V.,
gevestigd te 's-Gravenhage,
2. KONINKLIJKE KPN N.V.,
gevestigd te 's-Gravenhage,
VERWEERSTER in cassatie, eiseressen in het voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep,
advocaat: mr. K. Teuben.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als PBSG en KPN c.s.
1 Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak 250240 / HA ZA 05-2935 van de rechtbank ’s-Gravenhage van 29 november 2006 en 18 juli 2007;
b. de arresten in de zaak 105.007.511/02 en 105.007.668/02 van het gerechtshof Den Haag van 26 juni 2008, 11 september 2012, 9 juli 2013, 31 december 2013 en 10 juni 2014.
De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.
2 Het geding in cassatie
Tegen de arresten van het hof van 11 september 2012, 9 juli 2013, 31 december 2013 en 10 juni 2014 heeft PBSG beroep in cassatie ingesteld. KPN c.s. hebben voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep ingesteld.
De cassatiedagvaarding en de conclusie van antwoord tevens houdende incidenteel cassatieberoep zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit.
Partijen hebben over en weer geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, voor PBSG mede door mr. B.F.L.M. Schim en voor KPN c.s. mede door mr. G.C. Nieuwland.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het beroep van PBSG tegen KPN N.V. en tot verwerping van het principale beroep voor het overige.
De advocaat van PBSG heeft bij brief van 28 augustus 2015 op die conclusie gereageerd.
3 Beoordeling van het middel in het principale beroep
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
Nu het middel in het principale beroep faalt, komt het voorwaardelijk ingestelde incidentele beroep niet aan de orde.
4 Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het principale beroep;
veroordeelt PBSG in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van KPN c.s. begroot op € 841,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren A.H.T. Heisterkamp, G. Snijders, M.V. Polak en V. van den Brink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 30 oktober 2015.