Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Arbeidsrecht (Curaçao). Behoort schoolrector tot “onderwijzend en docerend personeel”? Art…
Hoge Raad, 20 november 2015
ECLI:NL:HR:2015:3333 · Hoge Raad · 20 november 2015
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2015-3333
Zaakgegevens
Op 20 november 2015 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 20 november 2015
- Datum publicatie
- 19 november 2015
- Zaaknummer
- 15/01326
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. M.E Gelpke, mr. K. Teuben
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2015:3333
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Arbeidsrecht (Curaçao). Behoort schoolrector tot “onderwijzend en docerend personeel”? Art. 2 onder b Landsverordening beëindiging arbeidsovereenkomsten (gelijk aan BBA 1945).
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 18 september 2015
ECLI:NL:PHR:2015:1974Hoge Raad · 20 november 2015deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2015:3333
Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
20 november 2015
Eerste Kamer
15/01326
LZ/TT
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[verzoeker],
wonende in [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr. M.E. Gelpke,
t e g e n
de STICHTING R.K. CENTRAAL SCHOOLBESTUUR,
gevestigd in Curaçao,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. K. Teuben.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoeker] en RKCS.
1 Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de beschikking in de zaak EJ 69342/2014 van het gerecht in eerste aanleg van Curaçao van 5 september 2014 en de aanvullende beschikking van 18 september 2014,
b. de beschikking in de zaak Ghis 69342 - H 354/14 van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba van 27 januari 2015.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.
2 Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van het hof heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
RKCS heeft verzocht het beroep te verwerpen.
De conclusie van de waarnemend Advocaat-Generaal A. Hammerstein strekt tot verwerping van het beroep.
De advocaat van [verzoeker] heeft bij brief van 2 oktober 2015 op die conclusie gereageerd.
3 Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep;
veroordeelt [verzoeker] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van RKCS begroot op € 845,07 aan verschotten en € 1.800,-- voor salaris.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.A. Streefkerk en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de vice-president E.J. Numann op 20 november 2015.